Terug naar:  De Schekkerman homepage > Jopie's homepage > JapansSite map
 


les 11
17-12-‘03

Versie A


 

Mensen tellen, (meer over) minuten, groenten en fruit(-winkels), bijvoegelijke naamwoorden & kleuren.

Uit vorige les: geoefend met ‘ kore pen’ en ‘kono pen’, (kore wa) ikura desu ka = hoeveel kost (dit).

Mensen tellen (is belangrijk!):

1 (mens) = hitori
2 (mensen) = futori
3 = sannin
4 = yonin (nooit ‘chi nin’, dat zijn dode mensen)
5 = gonin
enz (7 = nana nin maar shichinin kan ook)
9 = kyuunin

Voorbeeld:
Hitori de ikimasu = ik ga (kom?) alleen. ((??))

Goro = bijna

Het tellen van minuten
In een vorige les hebben we geleerd: bij getallen die eindigen op 5 is een minuut ‘fun’. Bij getallen die eindigen op een 0 (10), is een minuut ‘pun’. Nu de andere cijfers:
2, 4, 5, 7 en 9 = fun
1, 3, 4, 6, 8 en (1)0 = pun
Zoals je ziet zit hier geen enkele regelmaat in. Het maakt niet uit of je bij vier (14, 24 enz: yo of yon ? ) minuten na het uur ‘fun’ of ‘pun’ gebruikt.

Groenten & fruit

Ringo = appel (uitspraak: ‘lingo’)
Telwoorden voor kleine ronde dingetjes zijn meestal de telwoorden die je gebruikt voor fruit.

Hitoyama = (een berg) (een hoopje) een stapeltje fruit. Je koopt fruit niet per pond of per kilo maar per stapeltje. Denk aan onze netjes mandarijnen.

Kudamono = vruchten (alleen vruchten_
Kudamonoya = vruchtenverkoper/winkel waar je alleen fruit kan kopen (geen groenten).

Yaoya = groentenwinkel: een winkel waar je zowel groenten als fruit kan kopen. Yao betekent 800, het achtervoegsel ya maakt er een winkel van. De 800 slaat op het grote assortiment wat ze meestel hebben in zo’n winkel: niet alleen groenten en fruit maar ook ingemaakte spullen en groenten in’t zuur. 8 is ook een gelukscijfer.

Bijvoegelijke naamwoorden:

Bijvoegelijke naamwoorden komen altijd voor het zelfstandig naamwoord!
Een bijvoegelijk naamwoord eindigt altijd op een i.

Ookiri hon = een groot boek
Ookiri hito = grote mensen (of 1 groot mens. Dat kan je zo niet zien in het japans. Als je wilt zien of het meervoud is of niet moet er een telwoord bij.)

Ookiri = groot (oo-kie-rie)
Chiisai = klein (tsjie-ie-sai)

Aoi = blauw (ah-oh-ie)
Akai = rood (ah-kah-ie)
Kuroi = zwart (koeh-roh-ie)
Shiroi = wit (shie-roh-ie)

Haal het i-tje aan het eind eraf en je hebt de kleur als zelfstandig naamwoord. Alleen wordt in het Nederlands een kleur niet zo snel gebruit als zefst nw, dus een voorbeeld is niet zo snel te geven.

Aoi pen = een blauwe pen
Pen wa ao desu = de pen is blauw
Maar “Pen wa aoi desu = de pen is blauw”, dat kan ook. Alleen: op de vraag ‘welke kleur is die pen?” is het antwoord ‘ao’.

Aantekeningen bij de oefeningen uit het boek (H5):

Blz 46 bovenaan (een vraag): daar staat dat het telwoord altijd achteraan komt. Dat is niet waar. Het maakt niet uit waar je het zet, zolang je maar “o” achter het lijdend voorwerp zet.

Aantekeningen bij de oefeningen van blz 47 (oefening II B):
De kleine woordjes (wa, no, ga, o, ni, de, enz) daar mag een zin niet op eindigen!
Enige uitzondering: no. Een ‘no’ + een zelfst nw, dat kan. (?)

Bij “nihon no (kuruma) desu, dan kan je wel ‘kuruma’ weglaten, als het een anwoord is en ‘kuruma’ is al gezegd.

Oranda sei desu = Nederlands produkt. “sei” betekent “gemaakt door”.

Bij blz 49: oefen de korte dialogen.

Kasa = paraplu
Kigasa = parasol (hi = zon, en de k is voor de uitspraak veranderd in een g.)

Blz 50: oefen de quiz!
Kitte = postzegel.
Doko = waar (van waar?) Uitspraak: doh-koh.
Fuirumu = film. Spreek uit: foeiroemoe)

De volgende les gaan we schrijven. Daar hoef je niet persé iets speciaals voor mee te nemen.
Shinnen omedetoo gozaimasu = gelukkig nieuwjaar! (Zeg het na nieuwjaar, tot ong de 15e.)