Katakana tekens oefenen, met plaatsen en andere woorden.
Vragen over de vorige les:
Yoko = naast: fysiek naast.
Torari = naast, maar meer voor dingen als ‘buurvrouw’, en
evt voor mensen en dieren.
Soba = dichtbij.
Chikaku = dichtbij. Praktisch geen verschil tussen deze twee.
We krijgen een Japans tijdschrift. Huiswerk voor de volgende keer: zoek
tien woorden geschreven met katakana uit het tijdschrift. Probeer zelf
uit te zoeken wat ze betekenen. Hint: kies de lange woorden.
Deze les gaan we puzzelen. We krijgen twee vellen papier met daarop woorden
uitgeschreven in katakana. Op het eerste vel staan namen van landen en
plaatsen, op het tweede vel andere woorden. Omstebeurt vertalen we de
tekens en proberen we te raden wat er staat.
De landen:
1- azie
2- afrika
3- amerika
4- arabie (?)
5- argentinie (?)
6- de alpen (alps)
7- engeland
8- israel
9- italie
10- india
11- indonesie
12- wenen
13- egypte
14- australie
15- oostenrijk (austria)
16- holland (oranda)
17- Canada
18- Cambodja (Cambodia)
19- Colombia
20- Saigon
21- San Francisco
22- Sidney
23- Geneve
24- Zwitserland
25- Zweden
26- Schotland
27- Spanje (Spain)
28- Seoul
29- Soviet (union)
30- Thailand
31- Chechoslowakeie
32- Denemarken (Denmark)
33- Duitsland (Duits)
34- Turkije
35- Nieuw Zeeland
36- New York
37- Noorwegen (Norway)
38- Pakistan
39- Parijs
40- Hawai
41- Hongarije (Hungary)
42- Vancouver
43- Birma
44- Fillipeinen
45- Brazilie
46- Frankrijk
47- Peking
48- Vietnam
49- Belgie
50- Berlijn
51- Polen (?)
52- ?
53- Bonn
54- Honkong
55- Madrit
56- Maleisie
57- Mexico
58- Moskow
59- Jugoslavie
60- Europa
61- Romenie
62- Los Angeles
63- Rome
64- Washington
Dingen en andere woorden:
1- tabak
2- dam (?)
3- tanker
4- kans (chance
5- chocolade
6- taperecorder
7- date (afspraakje, alleen tussen man & vrouw, jongen & meisje)
8- design
9- tennis
10- warenhuis (depato : department store)
11- demo (afkorting van ‘demonstratie’. Betekent: staking!)
12- televisie (terebi)
13- toilet (toire, is afgekort van het ouderwetsere toiretto)
14- toast
15- doughnuts
16- truck
17- trunk / kofferbak. Wordt niet gebruit voor ‘trunk’ in
de betekenis van ‘slurf van een olifant’.
18- Tunnel
19 en verder: thuis doen.
|