Terug naar:  De Schekkerman homepage > Jopie's homepage > JapansSite map
 

Tellen enzovoort
Versie 1

 

Takusan = veel

 

Cijfers:

0 = zero / rei
1 = ichi
2 = ni
3 = san
4 = chi / yon
5 = go
6 = roku
7 = nana / shichi
8 = hachi
9 = ku / kyuu
10 = juu

Streepje tussen de cijfers van een telefoonnummer = no
Comma (zoals in 2,34, of 2.34 in het Engels) = ?
Dus: 0,35 = 0.35 = zero ten san go

 

Telefoonnummers:

Zeg ze cijfer voor cijfer! Dus niet nul-veertig maar nul-vier-nul.

Denwa = telefoon of telefooncel. Den = conversatie, wa = elektriciteit, electrisch.
Bangoo = cijfer
Denwa bangoo = telefoonnummer
Nani (nan) = wat

No = streepje tussen de cijfers

Anata no denwa bangoo wa nan desu ka = Wat is jouw telefoonnummer?

 

Telwoorden na 99

100 = hyaku

Meerdere 100tallen zijn gedeeltelijk regelmatig, gedeeltelijk onregelmatig. Maar er zit een systeem in.

100 = hyaku
200 = nihyaku
300 = sanbyaku
400 = yonhyaku
500 = gohyaku
600 = roppyaku
700 = nanahyaku
800 = happyaku
900 = kyuuhyaku
(1,000 = sen)

Onregelmatige samentrekkingen komen heel vaak voor bij cijfer plus ‘h', en dan

Altijd bij de cijfers 1, 6, 8 en 10, daar verandert de ‘h' dan in ‘pp'.

Bij de 3 verandert de h in een b.

Telwoorden na de 100:

Telwoorden na de 100:

100 = hyaku
1,000 = sen
10,000 = ichi man
100,000 = juu man
1000,000 = hyaku man
10,000,000 = sen man
100,000,000 = ichi oka
                      = juu oka
enz.
(Zie blz 41 vh boek.)

(‘en' is het japanse woord voor wat we in Nederland de yen noemen: de Japanse munt.)

Het tellen van lange dingen:

Zo is er het telwoord (achterplaksel) –hon voor het tellen van lange dingen:

ichi + hon = ippon
Ni + hon = nihon
San + hon = sanbon
Roku + hon = roppon
Hachi + hon = happon
Juu + hon = Juppon

 

Uren / tijd

Minuut = fun / pun
Uur = ji
Dag = nichi
Maand = gatsu

Ima nan-ji desu ka = Hoe laat is het?

Klok kijken:

1 uur = ichi ji
2 uur = ni ji
3 uur = san ji
enz.

Uitzonderingen:
4 uur = yo ji
7 uur = nana ji
9 uur = ku ji

Kwart voor negen vertaal je als ‘acht uur 45 minuten' : hachi ji yon yuu go fun.
Minuut = fun / pun

Gozen = voor de middag (go = lunchtijd, zen = voor)
Gogo = na de middag (go = (ook) ‘na', maar dat is een ander karakter dan de ‘go' die ‘lunchtijd' betekent.
Een half uur = 30 minuten = san juu pun / sanjuppun = han

Minuten

Minuut = fun / pun

Bij getallen die eindigen op 5 : fun – 5 = go fun, 15 = juu go fun, 25 = ni ju go fun, 45 = chi juu go fun

Bij getallen die eindigen op een 0: (p) pun – 10 = juppun (juu-pun, maar met kortere ‘juu'), 20 = ni juu pun / ni juppun, 40 = yon juu pun / yon juppun. (?)

2, 4, 5, 7 en 9 = fun
1, 3, 4, 6, 8 en (1)0 = pun

Zoals je ziet zit hier geen enkele regelmaat in. Het maakt niet uit of je bij vier (14, 24 enz: yo of yon ? ) minuten na het uur ‘fun' of ‘pun' gebruikt. (Ima nan-ji desu ka? 9:39 uur = kyuu ji san juu kyuufun)

 

 

Dagen vd maand:

1e dag = tsuitachi
2e dag = futsuka
3e dag = mikka (spreek uit: mi – kah)
4e dag = yokka
5e dag = itsuka
6e dag = muika (moeh-ie-kah)
7e dag = nanoka
8e dag = yooka
9e dag = kokonoka (ezelsbruggetje: kokosnoot)
10e dag = tooka

Dagen boven de tien: gewoon het cijfer + nichi
11e dag = juuichi nichi
Uitzonderingen:
- Alle dagen van de maand waar een 4 in zit: 14 & 24. Dan gebruik je ‘yokka’ voor de 4. Dus: 14 = juu yokka (nichi), 24 = ni juu yokka (nichi).
- De 20e dag = Hatsuka.
- (Je gebruikt shichi ipv nana voor de 17e en 27e dag.)

Let op! 4e dag = yokka, 8 e dag = yooka , 3 e dag = mikka, 6 e dag = muika , nichi = dag, ichi = 1. Het is moeilijk het verschil hiertussen te horen.

De maanden vh jaar:

Januari = 1 e maand = ichi gatsu
Februari = 2 e maand = ni gatsu
Maart = 3 e maand = san gatsu
April = 4 e maand = chi gatsu (niet yon gatsu)
Mei = 5 e maand = go gatsu

enz.

September = 9 e maand = ku gatsu

Anata no tanjoobi wa itsu desu ka = wanneer is jouw verjaardag / wanneer ben je jarig? Antwoord: eerst maand zeggen en dan de dag. (go gatsu ni kuu roku nichi = 26 mei)

Kyoo wa nangatsu nanichi desu ka = welke dat is het vandaag? / wat is de datum?

Heisei = eeuw.

Ikura desu ka = hoeveel kost het.

 

De dagen van de week:

(Japanners beginnen altijd te tellen bij de maandag.) yoobi = dag (of alleen ‘yoo') (vergelijk met ‘nichi' van vorige les?)

Getsu yoobi = maandag - gatsu = maand/maan
Ka yoobi = dinsdag - ka = vuur
Sui yoobi = woensdag - sui = water
Moku yoobi = donderdag - moku = hout / boom. (u van moku niet echt uitspreken)
Kin yoobi = vrijdag - kin = goud / metaal
Do yoobi = zaterdag - do = grond / oud
Nichi yoobi = zondag - nichi = zon

 

Speciale (algemene) telwoorden 1 tm 10

Gebruik je als je voorwerpen moet tellen zonder specifiek telwoord:

1 Hitotsu
2 Futatsu
3 Mittsu
4 Yottsu
5 Itsutsu
6 Muttsu
7 Nanatsu
8 yattsu
9 kokonotsu
10 too

11 juuichi (zonder achtervoegsel)
12 etc.

Takusan = veel

Dus “twee hamburgers alstublieft” zou zijn = Futatsu hamburger o kudasai

Ronde dingen :
1 = ikko
2 = niko
3 = sanko
4 = yoko
5 = goko
6 = roko
7 = nanako
8 = hako
9 = kyuuko
10 = jukko

Ronde dingen

Het tellen van ronde dingen doe je met …ko. Dus:

1 = ikko (ichi-ko samengetrokken tot ikko)
2 = niko
enz
6 = roko (rokuko samengetrokken tot roko)

8 = hako (Hachiko samengetrokken tot hako)
9 = kyuuko
10 = jukko (juu-ko samengetrokken tot jukko)

(meestal gebruikt voor het tellen van fruit)

 

Dingen waar je wat in doet

Kopjes enz :
1 = ippai
2 = nihai
3 = sanbai
4 = yohai
5 = gohai
6 = rokuppai
7 = nanahai
8 = hachippai
9 = kyuuhai
10 = juuppai

Het tellen van kopjes, mokken, bekers ( dingen waar je wat in doet ) doe je met …hai.
Weer: uitzonderingen bij 1, 6, 8 en 10 = pp, bij 3 = b
Voorbeeld: 1 = ippai, 2 = nihai, 3 = sanbai

Losse, platte dingen

Voor het tellen van losse, platte dingen (bankbiljetten, losse vellen papier, gebruik je … mai .
(op dezelfde manier als hierboven: bij 1, 6, 8 en 10 pp, en bij 3 ‘b'.

1 = ichimai(?) of ippai, 2 = nimai, 3 = sanbai (?), 4 = yomai, 5 = gomai, 6 = rokuppai (?) , 7 = nanamai, 8 = hachippai (?), 9 = kyuumai , 10 = juuppai (?)

 

Mensen tellen
1 = hitori
2 = futori
3 = sannin
4 = yonin
5 = gonin
6 = rokunin
7 = nananin
8 = hachinin
9 = kyuunin
10 = juunin

Mensen tellen (is belangrijk!):

1 (mens) = hitori
2 (mensen) = futori
3 = sannin
4 = yonin (nooit ‘chi nin', dat zijn dode mensen)
5 = gonin
enz (7 = nana nin maar shichinin kan ook)
9 = kyuunin

Voorbeeld: Hitori de ikimasu = ik ga alleen.