Lief dagboek.
Moge een ieder die hier zonder mijn medeweten
zijn blik op laat vallen voor eeuwig rotten.
Ik bevind me in de schaduwen, op het kasteel McLee. Mijn kasteel McLee. Voor zolang dat duurt tenminste. Ik heb nog steeds de juiste mix tussen moderne gemakken en totaal onderworpen gepeupel niet te pakken. Ik bedoel maar, ze beginnen hier ook al weer te zeuren over die paar verdwenen dorpsgenoten. Ze hadden zelfs het lef een afgevaardigde te sturen. Zal me benieuwen wat ze doen als ze er achterkomen dat hun wachten op hem tevergeefs zal zijn. Ach, wat kunnen ze eigenlijk doen? Mij mijden? Eindelijk, zou ik haast zeggen. Nee, de huidige situatie is zo slecht nog niet. Eigenlijk jammer dat ik binnen een paar jaar toch weer verder moet. Misschien toch eens gaan zoeken naar een eigen schaduw. Op deze is het vrouwenaanbod toch wat te gering. Die duivelcyclus in een andere schaduw waar ze me hun maagden offerden, dat had wel wat. Alleen die muziek erbij, vreselijk. Fatsoenlijke muzikanten vormt hier trouwens ook een probleem. Die lui gaan veel te kort mee. Nog een geluk dat de elektriciteit hier werkt. Zo'n CD klinkt ook niet slecht. Een storm op de achtergrond. Echt hondeweer. Lekker.
Te lekker, een drukkend gevoel in mijn hoofd. Dat kunnen eigenlijk maar twee mensen zijn, Caine of Julian. Mijn vader kan ik niet weerstaan, en Julian zou geen contact opnemen als het niet relevant was, dus vooruit maar.
Gelukkig, het is Julian, met nieuws. Ik ben zowaar weer welkom in Amber. Nou, het zal mij benieuwen. Random schijnt de tweede generatie nakomelingen van Oberon met elkaar kennis te willen laten maken. Ach, het zal wel. Hier ben ik eigenlijk ook al wel lang genoeg geweest. Op naar het banket. Julian helpt me via de troef wel naar Arden, dat scheelt.
Samen met hem reis ik af naar Amber. Ene Flora schijnt daar het banket te runnen. Manieren heeft ze niet. Ze haalt duidelijk haar neus voor me op en steekt haar afkeuring niet onder stoelen of banken als ze hoort dat ik Caine's zoon ben. Nog iemand die niet veel ouder zal worden. De kamer die ik krijg, eerste kamer rechts op de vierde etage, kan duidelijk niet door de beugel. Af en toe wens ik gewoon dat ik die Amberieten net zo kan verscheuren als dat gepeupel dat me voor de voeten loopt in de schaduwen. Maar mijn tijd komt nog wel. Eerst mijn vader, dan de rest.
Na me opgefrist te hebben ga ik beneden maar eens kijken. Ik tref daar inderdaad een aantal mij onbekende gezichten aan die klaarblijkelijk niet tot het personeel behoren. De relatie tussen Adrian en Alexander is interessant. Die twee broers liggen elkaar duidelijk niet. Rekening mee houden, kan altijd van pas komen.
De meest verschrikkelijke van het gehele stel is zonder meer Dorian. Wat een vreselijk watje is me dat zeg. En nog niet eens droog achter zijn oren. Duidelijk de benjamin van de familie. Nee, dan heb ik heel wat liever Martin. Het mag dan een aso zijn, zijn houding tegenover bijvoorbeeld Flora bevalt me wel.
Via Julian verneem ik dat die vent daar in de hoek, Rinaldo genaamd, degene is geweest die mijn vader vermoord heeft. Vermoord? Waarom weet ik daar niks van? Het is tenslotte mijn vader maar. Gelukkig verontschuldigt Julian zich. Hij had nog geprobeerd mij te bereiken voor de begrafenis, maar slaagde daar niet in. Van hem geloof ik zo'n bewering. Het zou me ook spijten als ik Julian bij de rest van deze pokkefamilie moest indelen.
Die Rinaldo neem ik in ieder geval goed in me op. Voor zover ik begrijp heeft hij mijn vader vermoord omdat deze zijn vader, Brand, vermoord zou hebben. Ik vraag me af of ik nou ook verondersteld wordt de moord op mijn vader te wreken, maar gezien de reacties schijnt niemand dat van me te verwachten. Verwachten is het trouwens niet het juiste woord, verlangen, dat klopt beter. Gezien hun reacties verwacht de familie juist wel dat ik iedereen afslacht, met of zonder goede reden. En dat terwijl ik me toch uiterst vriendelijk opstel, hoeveel moeite me die huichelachtige opstelling ook kost. Maar op een of andere manier schijnen de waarschuwingen over familieleden vooral op mij te slaan. Als ik hen was zou ik juist oppassen voor Dorian. Zo'n slijmbal die bij iedereen in een goed blaadje weet te komen, die is pas niet te vertrouwen. Zijn moeder, Deirdre, schijnt trouwens ook al dood te zijn. Het zij hem gegund. Grijns.
Dan komt de koning, tezamen met zijn vrouw en Corwin, binnen. Die Corwin is interessant, zoveel heb ik tenslotte nog niet kunnen uitvinden over de Hoven van Chaos. En de sfeer tussen hem en zijn zonen is al net zo gespannen als de sfeer tussen zijn zonen onderling. Doet me genoegen te zien, zo'n hechte familieband.
Die Flora is trouwens ofwel incompetent, of ze heeft een hekel aan me. Ik bedoel maar, die tafelschikking is goed waardeloos. Aan de ene kant Julian, zo te zien de enige die het niet erg vindt naast me te zitten, en aan de andere kant een lege stoel. Ik wou dat ik haar hart kon uitrukken. De enige verzachtende omstandigheid is dat ze Alexander en Adrian ook naast elkaar heeft gezet. Maar toch kan ik me niet voorstellen dat ze zo incompetent is.
De presentatie van de tweede generatie door Random is op zich heel interessant. Ik ben dus inderdaad voor zover bekend de enige zoon van Caine. Verder beweert de koning doodleuk dat Rinaldo met zijn moord op mijn vader aan een lange vete een einde heeft gemaakt. Naar mijn mening wordt zeer duidelijk gevraagd. Een overzicht waar ze ooit nog wel eens spijt van zullen krijgen. Op zich kan het me ook niet zo veel schelen dat mijn vader vermoord is. Wat me wel kan schelen is dat ik niet de kans heb gekregen hem bepaalde dingen betaald te zetten. Maar geduld is geboden. Als Rinaldo mijn vader aankon, kan ik hem in ieder geval niet aan.
De lege stoel blijkt bestemd te zijn voor Algo, een of andere artiest die toch ook familie schijnt te wezen. Ach, de muziek van zijn stuk had best wel wat. De ambiance was natuurlijk verkeerd, maar aan die wanstaltige tafel kan hij ook weinig doen. Die dansers van hem hadden trouwens ook niet gehoeven. En verder heeft die vent het gore lef om na de voorstelling gewoon zijn stoel te pakken en bij de koning te gaan zitten. Mijn aanwezigheid is duidelijk niet gewenst. Wel, de beleefdheidsregels zijn er niet voor niets, en iemand die ze zo met voeten treedt moet de gevolgen maar voelen. Ik moest me maar eens gaan verdiepen in de vraag hoe ze hier in Amber op verdwijningen reageren. En anders wacht ik wel tot ze weer terug gaan naar die schaduw waar ze vandaan komen. Algo's zwakke plek heb ik in ieder geval gevonden. Een volkomen mismaakt lijk van een van zijn danseressen zal hij vast niet leuk vinden. Had hij maar de beleefdheid in acht moeten nemen.
Plotseling wordt het donker. De eenhoorn wordt groenig, pulserend. Ik krijg een raar gevoel. Het is net of ik wat kwijtraak. Hoe ik me er ook tegen verzet, het gevoel blijft. Dan wordt de eenhoorn zwart en de omgeving groenig. Binnen een paar minuten is het allemaal voorbij.
Deze gebeurtenis was duidelijk niet gepland, de gehele familie is in rep en roer. Er wordt druk overlegd, waarbij wij, de tweede generatie, voor het gemak maar even over het hoofd worden gezien. Wat volgt is een periode van speculatie en geruchten. De enige betrouwbare informatie is van Fiona. Ze legt uit dat er een aanval op het patroon is geweest. In tegenstelling tot ik heeft zij zich er wel tegen kunnen verzetten, ik ben het echter kwijt. Net als vele anderen. Volgens Fiona kunnen we het patroon het beste weer opnieuw lopen. De enige andere optie is wachten tot het terug komt. Ijdel is die hoop niet, Fiona ziet nog steeds verschil tussen degenen die het patroon nu kwijt zijn en degenen die het patroon nooit gehad hebben. Tot die laatste categorie behoort Algo. Makkelijk. Maar het patroon nog een keer lopen, ik moet er eigenlijk niet aan denken. En Fiona kan wel zeggen dat ik nu weet dat ik het kan, ik weet nu ook aan welke ellende ik begin. Dat nooit meer dus.
Alsof de aanval op het patroon nog niet genoeg ellende is, krijgt Random dan een briefje in zijn handen waarop hij Benedict, Julian en Bleis met zich mee roept. Vooral Julian is vervelend. Maar het is zijn schaduw die aangevallen wordt. Ik ben eigenlijk wel blij dat ik er niet bij ben. Benedict's aanwezigheid zal Julian's humeur wel geen goed doen.
Zo gaat de avond eigenlijk heel frustrerend verder. Degenen die overgebleven zijn weten niks en houden zich onledig met de wildste speculaties. Speculaties die ze over het algemeen niet eens met me willen delen. Ik ben echt opgelucht als ik te horen krijg dat ik bij Random moet verschijnen. Eindelijk iemand die wat weet.
Ik blijk niet de enige te zijn geweest met zo'n oproep. Naast mij zie ik ook nog Alexander en Adrian, die kwal van een Dorian, die smeerlap van een Algo, en Vincent. We horen van Random dat hij zijn directe familie niet kan missen bij de directe verdediging van Amber. Vandaar dat wij voor hem maar even moeten uitzoeken wat er precies achter dat verschijnsel van afgelopen avond zit. Het is duidelijk dat hij zich zorgen maakt. Volgens hem loopt Amber echt gevaar. En als Amber valt, valt de familie, en dus ook wij, mee. Ik zie niet direct in waarom ik met Amber mee zou vallen. Eigenlijk spreekt het idee van een weggevaagde Amber familie me wel aan. Maar ik mis duidelijk nog het een en ander aan informatie. De vernietiging van mijn familie is 1 ding, zelfmoord een heel ander. Bovendien moet er een reden zijn waarom ik getolereerd word, al gaat het dan niet van harte.
Voor het onderzoek zal het in ieder geval wel makkelijk zijn als we wat troeven van elkaar hebben. Algo blijkt toch niet een volkomen nietsnut te wezen, hij kan troeven tekenen. Helaas vergt dat nog flink wat tijd, reden genoeg om ons te vragen zoveel mogelijk zelf aan onze troeven zien te komen. Ik weet dat Julian er nu eentje heeft, en dat Caine er een gehad heeft. Of de twee hetzelfde zijn of dat de tweede nu bij een wildvreemde rondzwerft weet ik helaas niet. Misschien Julian maar eens vragen. Als ik hem bereiken kan tenminste. Vanavond lukt het in ieder geval voor geen meter. Het zal ook eens niet.
Na een goede nachtrust, maak ik me tijdens het ontbijt op om het patroon te gaan lopen. Ik voel al wel wat terugkomen, maar de vraag is of dat terugkomen snel genoeg zal gaan. En nu kan ik nog herstellen van het patroon, als we op pad gaan is dat te laat. Ik ga dan ook wel mee met Alexander en Adrian, achter Dorian aan. Deze kent hier duidelijk de weg. Dit in tegenstelling tot Alexander en Adrian. Deze twee hebben het oerpatroon gelopen. Ik wist niet eens dat die er was. Bij het patroon laat ik de anderen rustig voorgaan. Als er toch iets mis is met het patroon ben ik liever niet degene die het ontdekt. In plaats daarvan probeer ik nog een keer Julian te bereiken. Vanzelfsprekend tevergeefs.
Het patroon blijkt gelukkig nog altijd goed te werken, reden genoeg om er als laatste zelf ook maar overheen te lopen. Vreselijk, wat een verschrikking zeg. Ik heb na de eerste stap al spijt dat ik niet gewacht heb tot het gewoon weer terug kwam. Maar ja, op het patroon kun je maar 1 ding doen, doorlopen. De herinneringen die bij me opkomen tijdens het lopen zijn die van Galoran en zijn troosteloos huis. Valt al mee dat het niet mijn vader is.
Na het patroon teleporteer ik mezelf in ieder geval rechtstreeks in mijn bed. Ongelooflijk, wat ben ik moet zeg.
De volgende dag. Het troefcontact met Julian wil nog steeds niet lukken. Dat zou ook te mooi zijn geweest. Het idee van nog een troef van mij waar ik geen controle over heb bevalt me niets. Ik weet al niet waar de troef die mijn vader had is gebleven, Julian heeft vast een ander. Maar wat moet dat moet, al is het die zak van een Algo die het zaakje moet tekenen. Doet ie tenminste nog wat nuttigs.
Algo's studio is een zootje, echt verschrikkelijk. Hij is druk bezig met Adrian en deze vermaakt zich duidelijk niet. Al die vrijpostige dames maken hem onzeker. Zou het echt nog zo'n groentje wezen? Mij lijkt zo'n behandeling eigenlijk wel leuk. Helaas heb ik maar weinig 'last' van ze en dat terwijl ik ze nog wel bemoedigd toelach. Nou ja, Algo kan me zo in ieder geval niet lang negeren. Een afspraak kan, over 2 dagen om 1 uur. Zou ie echt zo lang nodig hebben voor 1 kaart? Ach, het kan me eigenlijk ook niet schelen. Zo'n behandeling als Adrian kreeg zit er vast niet in. Maar allicht dat ik mijn keuze alvast kan bepalen. Alleen nog een geluidsdichte kamer zien te vinden, hoe harder ze schreeuwen hoe beter tenslotte.
De rest van de dag heb ik fijn voor mezelf. Toch interessant die bibliotheek hier. Maar ook hier geen boek waarin mijn moeder als zodanig vermeld staat. In de schaduwen wou dat ook al niet lukken. Dat zou dus wel eens de moeilijke weg kunnen worden.
Verder kan ik natuurlijk mooi eens nadenken over het gevaar waarin Amber verkeerd. Ik moet zeggen dat ik toch niet echt een boodschap aan Random heb, koning of niet. Het lot van Amber laat me in ieder geval koud. Mijn eigen lot uiteraard niet. Echt veel geloof aan Random's bewering dat Amber's ondergang ook die van mij betekent hecht ik niet, helaas ontbreekt het me aan informatie. Wat dat betreft hebben we precies de juiste opdracht gekregen. Uitzoeken wat hier precies achter zit lijkt me wel wat. En vooral natuurlijk uitzoeken welke kant er gaat winnen. En welke bijdrage ik daaraan kan leveren. Op een beloning van de Amberieten hoef ik niet echt te rekenen geloof ik. Nee, die andere kant zou wel eens heel interessant kunnen zijn.
's Avonds is er weer een diner, maar dit keer een gewone. Blij toe. En dit keer is er geen tafelschikking à la Flora. Kortom, zo tussen Corwin en Alexander zit het toch heel wat beter. Temeer daar Corwin in de Hoven van Chaos geweest is.
Een echt prettig onderwerp zal het wel niet voor hem zijn, maar deze kans op informatie uit de eerste hand laat ik me niet ontglippen. Bovendien blijkt mijn inschatting van Corwin correct, die vent heeft zoveel levenservaring dat hij zich wel over zo'n kleine tegenslag als een gevangenschap kan heen zetten. De verkregen informatie is weinig, maar wel interessant. De rondleiding die hij er gehad heeft was tenslotte nogal beknopt. Maar ik leer er in ieder geval van dat in de Hoven de families de baas zijn, elk in zijn eigen Hof. En het is er in ieder geval gevaarlijk. Het was dus inderdaad verstandig van me om er niet zomaar eens binnen te gaan stampen. Verder is het ook minder dat ik Corwin uit moest leggen waarom ik die info wou. Helaas was de waarheid hier toch de beste manier om zijn medewerking te krijgen. Dat Corwin het weet maakt nog niet eens zoveel uit. Maar die meeluisterende Alexander beviel me heel wat minder. Adrian zou wel eens gelijk kunnen hebben met zijn hekel aan die vent. Mij probeerde hij ook al uit te horen. Ach, vriendelijk te woord staan wil ik hem altijd. En ik ben het helemaal eens met zijn voorstel dat het belangrijk is dat we elkaars vermogens een beetje leren kennen. Maar als hij dan niet vervolgens daad bij woord voegt en zijn kaarten open legt, hoeft hij er niet op te rekenen dat ik dat wel doe. Ik ben geen idioot. Hij zal er vast wel een keer achterkomen dat ik een shapeshifter ben, zijn achterdocht is daarvoor toch te groot, maar tot die tijd heb ik in ieder geval nog vrij spel.
De nacht moet ik alleen doorbrengen. Op zich niet zo erg, ware het niet dat ik zo'n rotkamer heb. Je kunt de stenen van de muren niet eens zien. Misschien toch maar wat ontspanning regelen morgenavond. Hoe zouden ze hier trouwens tegenover verdwijning van een of ander grietje staan?
Over een rotnacht gesproken, die nacht had ik er dus weer een. HIJ was er weer. Keurig in het zwart gekleed en even onmededeelzaam als vanouds. Die Rinaldo heeft mij morgen nog heel wat uit te leggen. Vader zelf schijnt er duidelijk niet zo mee te zitten. Hij is overduidelijk nog levend, helaas, en hij zet dat nog wel een keer recht bij de familie. Heeft hij nu geen tijd voor. Maar goed ook eigenlijk, ik zit in ieder geval nooit lang met zijn aanwezigheid opgescheept. Zo ook nu. Caine blijkt alleen maar een karweitje voor me te hebben. Het zal wel weer wat verschrikkelijks wezen, anders deed ie het zelf wel. Helaas kan ik hem nog niet aan, toegeven dus maar.
HIJ maakt met een beweging een soort blauw lichtschijnsel. Een ring. Nee, een ronde gang. HIJ wijst. Veel keus heb ik niet. HIJ heeft nog wel wat anders te doen en ik zal wel merken wat ik moet doen als ik er ben. Ik merk het ook wel. Zo fijn vond ik mijn verblijf hier toch niet.
De uit blauw licht bestaande gang is krachtig, vreemd dus. Het doet iets met me en dat bevalt me niets. Als ik de gang helemaal rond ben gegaan, wat trouwens onmogelijk is vanuit het normale driedimensionale oogpunt, kom ik uit in een vreemde wereld. Een wereld vol met stenen en mos. Het is hier oud! Dat geldt ook voor het gebouwtje. Het is uiteraard van steen, en behalve met mos is het ook nog begroeid met klimplanten.
Ik arriveer midden overdag. Dat ik in het gebouwtje moet zijn lijkt me wel zo duidelijk dat ik al meteen geen zin heb om er naar toe te gaan. HIJ zoekt het maar uit.
Veel kans om het er maar eens van te nemen heb ik niet. Ik ben er nog maar net of hup, daar komt meneer slijmbal mijn geluk verstoren. Het ging ook al veel te goed hier. Hij is in zijn normale kledij en heeft als wapen zijn dolk. Wild, dat mormel van hem, is er ook bij. Het watje dacht dat het een droom was, maar daar help ik hem wel uit. Als het om mijn vader gaat overtreft de werkelijkheid mijn nachtmerries toch altijd weer. Tot mijn verbazing is het niet eens mijn vader geweest die hem hierheen gehaald heeft. Alhoewel, 'this is Amber, man', je weet het dus maar nooit. Dorian gelooft in ieder geval heilig dat het zijn dode moeder was die hem door een spiegel hierheen gehaald heeft. Weer een raadseltje erbij. Verder doet het me deugd dat hij duidelijk niet zo op zijn gemak is met dat gebouwtje op de achtergrond. Het maakt mij er slechts op attent dat het inderdaad wel stemmig is. Het is hier eigenlijk best goed toeven.
Gelukkig komt er aan alle goede dingen een einde, in dit geval in de vorm van een harpij. Een harpij die duidelijk in een goed humeur is met dat voedsel dat hier op hem wacht, ons dus. Vrolijk babbelend vertelt ze ons dat ze hier is om de boel te bewaken. En we hoeven niet bang te zijn, ze zal er voor ons een artistieke dood van maken. Dat had ze dus gedacht. Stom rotmormel. Hij is me alleen wat te sterk. Ik zou het met shapeshifting kunnen oplossen, maar dat kost tijd en bovendien komt Dorian het dan te weten. Dorian opofferen is ook al geen alternatief, je hebt van die mensen die altijd op hun pootjes terecht komen, en Dorian is daar eentje van. En aangezien hij duidelijk nog nooit echt voor zichzelf heeft moeten knokken hoef ik tegen de harpij ook niet op hem te rekenen.
De harpij kletst ondertussen nog altijd vrolijk en nietszeggend verder. Dat hij dat gebouwtje moet bewaken en moet voorkomen dat er iemand naar binnen gaat snap ik ook wel. Ik wil weten voor wie hij dit doet. Uiteraard krijg ik zulke essentiële informatie niet los. Nou, barst dan ook maar kreng.
Via het patroon weet ik contact met de harpij te leggen, en daarna kan ik eindelijk lucht geven aan mijn frustraties. BLAST!!! Het is maar goed dat ik het niet op een fysieke confrontatie heb laten aankomen. Als dat beest op dat vlak net zo sterk is als op het fysische, dan had ik een probleem gehad. Nu kan ik dan kreng wel aan. Ik ben tenslotte van Amber. En als Dorian aarzelend mijn voorbeeld volgt, lukt het al helemaal. Ik voel gewoon hoe we geestelijk tegen dat kreng oprukken. De schreeuw waarmee het wegvliegt realiseer ik me pas achteraf. Hmm, gaf me eigenlijk best wel een kick, deze blast. Moet ik vaker doen. Weer eens wat anders als iemands strot doorbijten of zijn hart uitrukken. De hulp die Dorian bood geeft trouwens ook te denken. Die vent is geestelijk eigenlijk best wel sterk. Zo sterk dat ik hem op die manier niet op de knieën zal kunnen krijgen. Goed om te weten.
Het risico van een terugkerende harpij niet nemend, gaan we maar snel naar binnen. Daar treffen we een kapel, geen wonder dat dit gebouw een bepaalde sfeer uitademde. Het beeld van de oude man, geheel omgroeid met klimplanten, is ook interessant. Ik herken hem meteen, Galoran. Dorian heeft ofwel een pokerface, ofwel herkent het beeld niet. Ik zie geen reden om hem wijzer te maken. Wat niet weet wat niet deert.
Bij het beeld bevindt zich een altaar met daarop een stukje karton. Het ziet er uit als een troef, maar dan wel eentje die pikzwart is, aan beide kanten! Waar was Dorian's moeder ook al weer ingesprongen? Heel interessant. Tegen Dorian, die vent is echt een watje, laat ik uiteraard geen woord los. Ik ben het met hem eens dat we het beste terug kunnen gaan, maar als we dat inderdaad doen,..., worden we wakker in een gang vol met spiegels. Het ondersteunt in ieder geval Dorian's bewering dat hij zo bij mij beland was. De gang is trouwens best wel interessant. Er hangen hier allerlei soorten spiegels, en dat zijn geen gewone. Dorian zou het zich misschien kunnen veroorloven om er zo terloops in eentje te kijken, ik heb geen enkele behoefte om nu al zelf de ellende over me af te roepen. Een andere keer misschien, ik ben nu in ieder geval te moe.
De spiegelgang komt uit op de derde verdieping, ik neem de weg goed in me op. Hier moet meer uit te halen zijn. Maar eerst gaan we slapen.
Waarom we nu precies die zwarte kaart moesten halen is me een raadsel, maar daar komen we wel achter. Ik heb dat ding in ieder geval nog, en als het belangrijk is komt HIJ het vanzelf wel halen. Misschien moest ik er voor die tijd nog maar eens even mee experimenteren. Het zou me niets verbazen als je het als troef kon gebruiken. Gaap, dat wacht maar tot morgen. Evenals Rinaldo trouwens. En misschien moest ik me ook maar eens in die mormels veranderen waar sommigen mee rondlopen. Eens kijken of ze nog wat smeuïgs over hun baas weten te vertellen. Hmmmmm, klinkt, gaap, goed. Zzzzzzzzzzzzz.
Murlas