14 oktober 1994 Sessie 30
Een teken van zwakte
Het diner is geweest, en geen spoor van Boadice. Klaarblijkelijk is er wat misgegaan. Ik overweeg hoe lang ik nog zal wachten alvorens Alexander in te lichten. Ach, een uurtje moet kunnen. Dames zijn tenslotte altijd laat. En inderdaad wordt ik even later getroefd door de dame in kwestie. Ik ben zo goed haar door te halen naar de zitkamer waar ik met een paar familieleden zit. Tijd voor wat voorbereiding. Ik troef Martin, waarbij Boadice wel kan zien dat ik iemand troef, maar niet wie. Martin is wel enigszins verbaasd, hij zit namelijk in dezelfde kamer, maar het gaat er mij slechts om Boadice heel duidelijk te maken dat ik voorbereid ben. En hoe minder ze weet over wat die voorbereiding precies inhoudt, des te beter.
Boadice en ik begeven ons naar het Patroon in de kelders en troeven daar Alexander. Alexander komt door en daarna beginnen hij en Boadice zich druk te maken over hoe Alexander Yaslin ervan kan overtuigen dat Boadice er ook achter staat. De aarzelingen die Alexander daarbij ten toon spreid zijn veelzeggend. Klaarblijkelijk heeft hij bij zijn eerste ontmoeting niet zo’n goede indruk op Yaslin gemaakt. Boadice herinnert zich ook nu pas dat Alexander zijn troevendeck nog terug moet hebben. Ze wil het net op gaan halen als Alexander met een arrogant gezicht laat weten dat dat niet meer nodig is, hij heeft daar zelf al voor gezorgd. Mijn conclusie is duidelijk, of die twee zijn wel heel goede toneelspelers, of ik ben er inderdaad bij gehaald omdat die twee elkaar eigenlijk niet zo vertrouwen. Mooi, let’s enjoy the show.
Boadice probeert nog even voor alle zekerheid of ze Yaslin kan troeven, maar dat mislukt. Vervolgens geeft ze Alexander de troef en begeeft deze zich op het Patroon. Ik onderhoud alvast de troeflink met hem. Ergens bevalt dit me allemaal niks. Dat Patroon, het geeft me de kriebels, zeker als het het lopen ervan betreft. Ik onderdruk de onrust en concentreer me dieper op de troeflink met Alexander. Ik moet er gewoon voor zorgen dat ik dat Patroon nooit meer hoef te lopen, krijg ik er ook geen problemen mee.
Na een eeuwigheid is Alexander in het midden aanbeland en begeeft hij zich naar de gewenste plek. Dat gaat wat moeizaam, maar uiteindelijk is het contact met hem dan toch verbroken. Zoals verwacht mag ik wel zeggen. Eigenlijk zit mijn werk er nu op, maar ik blijf toch nog maar even zitten, benieuwd wat hier uit zal komen.
Boadice heeft duidelijk heel wat minder geduld dan ik. Ik verneem van haar dat Adrian er inderdaad ook heen is gegaan en ze wil nu proberen om hem gezamenlijk te troeven. Ach, ik doe wel mee. Hoe we ons ook concentreren, we krijgen geen contact. Niet dat we het erg lang vol kunnen houden, Boadice is binnen de kortste keren volkomen uitgeput. Geen conditie, dat meisje.
Dan haalt Boadice zich weer wat nieuws in haar hoofd, misschien gaat het vanuit het midden van het Patroon wel beter? Zucht. Dat idee bevalt me dus echt niet. Het is niet voor niets dat ik hier in de Patroonkamer tegen de muur zit. Ergens kan ik het idee niet uit mijn hoofd zetten dat dit misschien wel precies de gelegenheid is waarop mijn vijanden zitten te wachten. Als ze mijn lichaam overnemen is een aanslag als op Corwin’s Patroon makkelijk genoeg te herhalen, te meer daar ik hier inderdaad gewapend ben. Verder heeft Galoran nu het Juweel, zodat we herstel ook wel kunnen vergeten. Het idee hier alleen te zitten spreekt me dan ook absoluut niet aan. Hoe meer ik er over nadenk, hoe onverantwoorder het op me begint over te komen dat ik die laatste keer het Patroon nog gelopen heb. Kortom, niet aan denken Murlas!
Boadice kan ik uiteraard niet in vertrouwen nemen over de twijfels die ik koester. Ik wijs haar er slechts op dat er al meer personen dat Patroon voor Yaslin gelopen hebben en verdwenen zijn. Misschien kunnen we beter even afwachten of daar ook nog eens eentje van terugkeert. Boadice luistert niet en begint het Patroon toch te lopen. Ik verzet me tegen het ongemak wat ik voel en probeer mijn geest blanco te houden. Toch voel ik me redelijk opgelucht als Boadice het Patroon uiteindelijk gelopen heeft. Dat haar poging verder futiel was spreekt vanzelf.
Al wachtende voel ik een heel vaag troefcontact. Alsof iemand vanuit de Hoven mij probeert te troeven. Ik onderdruk de rilling die dat oproept. Rationeel gezien is dit gewoon Alexander die er klaarblijkelijk toch in is geslaagd door die blokkade heen te breken. Rationeel gezien moet ik dit contact dan ook gewoon aannemen. Maar toch, stel.... Niks stel, controle Murlas, hou jezelf onder controle. Ik concentreer me op het troefcontact. Het gaat moeizaam, heel moeizaam, maar dan krijg ik uiteindelijk contact met Alexander èn Adrian, en Yaslin trouwens ook. Alexander vraagt of ik ‘hen’ door wil halen. Aangezien ik de situatie slecht in kan schatten en ik wil voorkomen dat er eentje achterblijft, steek ik twee handen uit. Als het met hun drieën al zo moeilijk was om er doorheen te komen, zal het Adrian in zijn eentje bijvoorbeeld echt niet lukken.
De drie komen door, Alexander stelt mij aan Yaslin voor, daarmee Adrian een vlieg afvangend, en dan arriveert Boadice vanuit het midden van het Patroon. Ze pikt Yaslin meteen helemaal in, negeert ons, en verdwijnt al babbelend. Een bedankje kon er nog niet eens af. Ook Alexander gaat zijns weegs, zodat ik met Adrian achterblijf.
Adrian gaat eens naast mijn zitten en komt langzaam weer bij. Helaas heeft hij best wel begrip voor de ondankbaarheid van Boadice, maar volgens hem vergist ze zich in haar zus. Interessant. Boadice heeft volgens Adrian nog teveel het jeugdbeeld van haar zus in haar hoofd, een jeugdbeeld wat volgens hem wel eens niet meer zou kunnen kloppen.
Zo ontspannen bij het Patroon zittend informeer ik eens verder, Adrian’s plan lijkt me tenslotte niet helemaal geslaagd. Adrian is het wel met me eens en legt uit wat er precies gebeurd is. Hij heeft Boadice weten over te halen om mee te doen aan zijn plan en haar meegenomen naar Corwin’s Patroon. Ik geef me zelf even mentaal een klap om de oren, dat die mogelijkheid niet bij mij opgekomen is, werkelijk onvergeeflijk. Rinaldo was op dat moment bij het Patroon, en zowel hij als Boadice wilden niet dat Adrian het zou lopen. Boadice was daarbij gewoon tegen, Rinaldo had ook nog wat goede argumenten, iets met directe afstammelingen en de vrij redelijke mogelijkheden tot versterking van Corwin’s Patroon. Ik kijk wel even verbaasd, hoe kan Rinaldo daar nou problemen mee hebben? Maar dan kan ik mezelf mentaal mijn tweede draai om de oren geven, Adrian was namelijk nog zo zwak dat hij niet veel kans zou maken. Boadice heeft toen een hele snelle Schaduw voorgesteld en Rinaldo kon die wel regelen. En zo bracht Adrian drie weken in die Schaduw door terwijl er in Amber maar drie uur voorbij gingen. Afijn, ik hoor hoe hij het Patroon liep, uiteindelijk op de plek van bestemming aankwam en daar met enige moeite Yaslin van zijn goede bedoelingen wist te overtuigen. Hij kon echter niet terug omdat bij de teleportatie zijn contact met Rinaldo en Boadice verbroken was. Adrian verwijt zichzelf dat hij mij er niet bij betrokken heeft. Hij dacht dat dat niet nodig was, aangezien Rinaldo daar ook was, en wilde mijn plannen verder niet in gevaar brengen. Hoe roerend. Gedane zaken nemen echter geen keer en Adrian vertelt hoe hij Yaslin er dus van wist te overtuigen dat dat mes op zijn keel echt niet nodig was en hoe ze vervolgens probeerden om troefcontact naar buiten te krijgen. Dat ging niet, en toen was daar ineens.... Adrian’s gezicht betrekt, en hij zit er een beetje in gedachten verzonken bij. Ergens toch wel een comfortabel idee, iemand anders die zo innerlijk in de knoop ligt, zeker als je zelf daarbij niet rechtstreeks betrokken bent.
Ik informeer voorzichtig wat verder naar specifieke details, met name over hun pogingen om eruit te komen. Het blijkt dat Adrian het eerst samen met Yaslin heeft geprobeerd, op verschillende manieren. Geen enkele manier leverde echter troefcontact op. Toen Alexander erbij kwam hebben ze het met Yaslin als focus geprobeerd, maar zij wist niet goed hoe ze met troeven om moest gaan. Daarom werd besloten dat Adrian als focus op zou treden. Helaas was Alexander’s hand op zijn schouder meer dan Adrian verdragen kon. Alexander was prompt beledigd en liep weg. Aangezien het met zijn tweeën verder echt niet lukte, hebben ze het later toch maar weer met zijn drieën geprobeerd, waarbij ze zich dit keer alledrie op dezelfde kaart concentreerden, en toen lukte het wel.
Een vraag die mij nog bezig houdt is waarom ze eigenlijk mij gekozen hebben. Ergens vleit het me wel, maar ik weet beter dan me daarmee tevreden te stellen. Het antwoord is bevredigend, ze hebben eerst Boadice geprobeerd, verscheidene malen zelfs, en ook met hun drieën. Ik was dus eigenlijk tweede keuze, niet dat Adrian dat zo brengt, maar het stelt me wel gerust. Het is namelijk heel logisch dat ze eerst Boadice probeerden. En voor Alexander’s komst blijken ze inderdaad ook Rinaldo geprobeerd te hebben.
Alexander blijft een gevoelig punt, maar toch wil ik daar nog wat meer van weten. En dit lijkt me een heel geschikt tijdstip. Adrian is een beetje in een bui dat hij zijn hart wil luchten, en bij wie kan hij dat beter doen dan bij mij, grijns. Ik informeer er dan ook voorzichtig naar. Het antwoord moet ik echt uit Adrian trekken, maar uiteindelijk geeft hij gewoon toe dat hij wel legio mogelijkheden heeft gehad, maar dat hij het te vroeg vond. Een snelle dood is een te gemakkelijke uitweg voor Alexander. En dat hij dat meent is me wel duidelijk. Adrian haat Alexander vanuit de grond van zijn hart. Reken daar maar op. En die haat is koel en berekenend. Hoe vertrouwd. Ik kan Adrian’s reactie begrijpen, niet alleen rationeel, maar ook qua gevoel. Begrijpen en waarderen. Ik laat hem dan ook weten dat de manier waarop hij met Alexander omgaat indruk maakt. Adrian is verbaasd, maar ik leg hem uit hoe sommige familieleden de laatste tijd nogal eens ondoordacht te werk zijn gegaan. En van Adrian kun je zeggen wat je wilt, maar ondoordacht is zijn werkwijze zeker niet. De weloverwogen wijze waarop hij op zo’n traumatische ervaring reageert siert volgens mij elke Amberiet. Adrian bedankt me en merkt op dat de dingen die hij mee heeft gemaakt en gehoord, niet in de laatste plaats over mijn vader, hem veranderd hebben.
De referentie naar mijn vader bevalt me op een of andere manier niet, maar ik besluit dat maar te laten rusten. In plaats daarvan smeed ik het ijzer terwijl het nog heet is. Ik merk op dat Adrian ten goede veranderd is en voeg daaraan toe dat dat niet is om te slijmen of zo. En dan steek ik van wal, over mijn delicate positie, mijn speurtocht naar familieleden waarmee zaken gedaan kunnen worden, familieleden met bepaalde principes, die nadenken voordat ze handelen. Hoe Alexander gewogen is en te licht bevonden, hoe Rhiane dat vooralsnog ook is, en hoe ik denk dat ik mijn mening ten opzichte van Adrian moet herzien. Mits hij interesse heeft uiteraard. Die interesse blijkt er te zijn. Ik leg Adrian mijn positie nog maar eens uit, zogenaamd om te voorkomen dat de ‘wandelgangen’ hem een verkeerd beeld voorschotelen, maar in werkelijkheid om op twee paarden te kunnen blijven wedden. Daarin past ook dat mijn gevoelens jegens Alexander het beste iets tussen Adrian en mij kunnen blijven. En uiteraard wijs ik er Adrian wel even op dat ik ook principes heb, misschien wat minder dan hij, maar mijn eerste leidraad blijft ‘trouw aan Amber’, een leidraad die Adrian en ik volgens mij delen. Adrian werpt tegen dat er voor hem een uitzondering is, maar daar wals ik simpel over heen. Goed, ik kan me voorstellen dat voor Adrian Corwin’s Patroon op de eerste plaats komt, maar dat Patroon is voor zover ik weet nooit een bedreiging voor Amber geweest. Dat het Patroon wel een bedreiging voor Corwin’s Patroon was, ach dat zijn gedane zaken. Gezien de huidige ontwikkelingen zullen de twee nu eerder bondgenoot dan vijand zijn. Adrian is het met mij eens.
Ik vraag Adrian of hij ook mijn mening deelt dat de vijanden van Amber in de hoek van de Nexus en de Hoven gezocht moeten worden. Adrian is het daar wel en niet mee eens. Zolang Merlin in de Hoven aan de macht is, is Amber volgens hem veilig, maar de Hoven zijn groot.
Merlin? Verrek ja, die zit daar ook nog. Ik word me er steeds sterker van bewust dat Adrian wel eens een paar hele nuttige contacten kan hebben. En ik zat bij gevaar inderdaad niet aan Merlin te denken. Misschien is het ook wel fout van me om heel de Hoven als vijand te zien. Aan de andere kant, ik ben er te weinig thuis om er ook maar eentje van te vertrouwen. Adrian is er klaarblijkelijk meer in thuis, en eigenlijk zijn we het over de Hoven ook wel eens, het gevaar moet daar bij bepaalde families gezocht worden. Ik leg Adrian uit dat het probleem met gevaar is dat je het niet mag negeren en dat dat dan ook een van mijn voornaamste motieven is om Alexander te vriend te houden. Ook met andere lui van de Hoven of Nexus kan ik mij echter best vriendelijke relaties voorstellen, waarschuw ik hem. Het gaat er namelijk slechts om dicht bij het vuur te zitten.
Adrian begrijpt het en vraagt of ik eigenlijk al banden met de Hoven heb. Ik antwoord slechts dat de enige band die ik op dit moment met de Hoven heb de vermoedelijke afkomst van mijn moeder is en dat het er mij slechts om gaat dat hij mijn relaties met vooral Alexander niet verkeerd op zal vatten.
Adrian ziet de voordelen van mijn relatie met Alexander wel in, en met de nodige discretie wil ik Adrian inderdaad wel eens wat toefluisteren. Ik pols verder even hoe Adrian staat tegenover het hebben van een paar familieleden waar je een beroep op kunt doen. Adrian vindt dat inderdaad heel nuttig en geeft dat als de motivatie voor ons vorige gesprek. Mooi, heel mooi. Ik laat Adrian weten dat wij elkaar inderdaad goed aanvullen en dat ik me inderdaad voor kan stellen dat ik wel eens een beroep op hem zal doen. Niet dat ik op dit moment al iets in gedachten heb, maar je weet nooit. En dat het Adrian vrij staat om een beroep op mij te doen spreekt vanzelf. Ik heb daarbij wel een verzoek. Een verzoek welke ik niet eens uit hoef te spreken, Adrian begrijpt hem zo al: discretie. Ik laat Adrian fijntjes weten dat het toch jammer zou zijn als Alexander voortijdig ontdekt dat hij eigenlijk een adder aan zijn borst koestert. De blik van verstandhouding die ik daarbij met Adrian uitwissel spreekt boekdelen. Dit kan wel eens een heel vruchtbaar bondgenootschap worden. En ook een gevaarlijke. Ik zal niet te lichtvaardig met Adrian’s ‘vertrouwen’ om mogen springen. Hij zou dan wel eens een heel gevaarlijke tegenstander kunnen worden. Nee, Adrian kan ik beter te vriend houden.
We hebben het ook nog even over Het Bal, een bal waarvoor we allebei de morele verplichting voelen erheen te gaan. Adrian blijkt nog niet te weten dat Galoran mijn leermeester was, en gezien onze nieuwe relatie vertel ik het hem. Die kennis was toch al redelijk verspreid. Ik leg er daarbij wel de nadruk op dat ik voor Galoran, of Monias, geen dankbaarheid voel, maar dat ik onder bepaalde verplichtingen gewoon niet uitkom. Adrian begrijpt het. Hij blijkt verder slechts geïnteresseerd te zijn in mijn mening. Waarschijnlijk om me beter in te leren schatten. Verstandig, heel verstandig. Dat het interessant zal worden, daar zijn we het verder wel over eens.
Aangezien Adrian ook de nodige contacten met Boadice lijkt te hebben, informeer ik eens naar zijn mening over de relatie tussen Boadice en Alexander. Met een geamuseerd lachje laat Adrian weten dat die volgens hem niet zo goed is. Ik suggereer hem dat we dat dan maar zo moesten houden, iets waarmee hij het helemaal eens is. Ook wijs ik hem erop dat Alexander inmiddels weer vertrokken is naar zijn vertrekken, en dat Boadice en Yaslin voorlopig ook wel even bezig zijn, dit geeft ons natuurlijk mogelijkheden de zaak nog een beetje bij te stellen. Degene die als eerste over de redding van Yaslin vertelt kan tenslotte de nadruk leggen. Adrian snapt het nog niet helemaal en zegt dat de koning daar toch wel toe geneigd is. Ik wijs hem er echter op dat het niet zozeer om Random gaat, als wel om de hele familie. Voldoende speldeprikken tegen Alexander sorteren ook effect. Iets waar Adrian bij deze redding bijvoorbeeld de nadruk op zou kunnen leggen is dat dat Alexander pas in actie kwam nadat Adrian zich er mee was gaan bemoeien. Voor die tijd heeft Alexander geen poot uitgestoken. Zoiets doet toch weer mooi een stukje goodwill van Alexander te niet. Aangezien ik voor mezelf met iets soortgelijks voor Boadice bezig ben, laat ik me de kans niet ontglippen Adrian er nog even op te wijzen dat Boadice zo maar voor niets het Patroon gelopen heeft, en dat ze dat deed in de hoop op een beter troefcontact met hen, alhoewel ze als troefartiest vast wel beter wist. Oftewel, ze handelde als een kop zonder kop. Adrian begrijpt de boodschap en schudt misprijzend zijn hoofd. Wat moet de rest van de familie daar wel niet van denken? Inderdaad.
Het gesprek kabbelt nog wat voort, maar dan boek ik mijn ultieme overwinning. Adrian vraagt zo langs zijn neus weg of ik nou echt iets in zijn hertogdom ontdekt had. Bingo. Ah, wat een zalig gevoel is dat. Die opmerking heeft dus echt doel getroffen. En klaarblijkelijk is onze relatie nu wel zo dat hij het ter sprake durft te brengen. Voor mij betekent het dat ik heel voorzichtig met het antwoord moet zijn. Ik antwoord dan ook: “Niets concreet, alleen wat vage aanwijzingen. Bedenk voor jezelf maar in hoeverre je Flora vertrouwt.” Zo, een beetje twijfel hier en daar kan vast geen kwaad. Adrian vraagt nog of ik de aanwijzing zou kunnen specificeren, maar ik leg hem uit dat het meer een gevoel is dan iets concreets. Maar, voeg ik er fijntjes aan toe, ik heb geleerd dergelijke gevoelens nooit te negeren. Adrian begrijpt dat hij er niet meer uit zal krijgen en stelt zich er tevreden mee. Nu alleen nog hopen dat er inderdaad eens iets met zijn secretaris gebeurd. Jammer dat Alexander zich de laatste tijd zo als ambassadeur opstelt, hij zou de ideale figuur zijn om de secretaris onder handen te nemen.
Het is de volgende dag, tegen de middag. Ik zit nog wat na te denken over mijn gesprek met Martin. Ik blijf me er bijzonder ongemakkelijk onder voelen. Toch geeft het ergens ook een stukje geruststelling. Er is een Amberiet die weet wat er aan de hand is, die de verbanden kan leggen, mocht het echt mis gaan.
Er is bezoek. Julian. Zijn aanwezigheid verbaast me, zo vaak zoekt hij me niet op. Inderdaad blijkt Julian een reden te hebben. Hij heeft een beetje een vreemd verhaal, een verhaal dat met mij te maken heeft. Een aantal van zijn mannen hebben namelijk onlangs iemand gevangen genomen. Er was iets vreemds met die persoon. Hij bevond zich weliswaar niet op een beveiligde plek, maar hij hoorde gewoonweg niet in Arden. Het ging om een onbekende jongeman met bruin haar. Tijdens het verhoor over zijn bezigheden in de buurt van Amber viel mijn naam. Er werd meteen een koerier op uit gestuurd om Julian te halen, maar toen deze daar arriveerde waren al zijn mannen gedood en de gevangene ontsnapt. Julian is er uiteraard achteraan en vond het spoor van een groep lieden. Het betrof een stel vreemde types met oranje maskers. Ze hadden iets fanatiek religieus over zich, en bovendien de slechte smaak zich te doden voordat Julian ze eens even duchtig aan de tand kon voelen. Hij is nu bij mij omdat...
Ik word me weer bewust van de omgeving. Zoals zo vaak de laatste tijd. Maar dit keer is het anders, mijn meubels zijn een puinzooi, de kamer een slagveld. En was Julian niet net wat aan het vertellen? Met een misselijk makend gevoel besef ik dat ik dit keer de controle verloor terwijl er iemand bij was, dat zelfs de aanwezigheid van anderen dus niet meer genoeg is. Snel troef ik Julian, ik moet weten of hij iets gemerkt heeft, iets meer kan vertellen. Julian is verbaasd me te zien. Hm, zo te zien heeft hij niks opgemerkt. Voorzichtig dus. ‘Ehm, om terug te komen op je verhaal.’ Gelukkig, Julian pikt het op. Hij dacht dat hij het allemaal al uitgelegd had en vraagt of me al iets te binnen geschoten is. Ik laat hem slechts weten dat ik denk iets op het spoor te zijn maar dat ik het eerst zelf nog even wil uitzoeken. Met een belofte hem op de hoogte te houden verbreek ik het contact.
Shitzooi. Er zijn dus uiterlijk geen kenmerken waaraan men kan zien dat ik de controle kwijt ben. Barst, barst, barst. Ik besef dat ik Martin hiervan op de hoogte zal moeten stellen, en wel snel. Straks is het te laat.
Martin is gemakkelijk te spreken te krijgen, hij is in zijn appartement. Dat appartement is me een rommeltje, hoewel sommige stukken er op wijzer dat hij vroeger netter was. Dat vroeger slaat dan wel op de tijd voor Angel’s City. Hij weet ergens nog een fles wijn te vinden, een wijn met een aromatische bijsmaak. Een wijn die uitermate geschikt is voor de toediening van gif. Zou hij soms ook een shapeshifter zijn, dat hij zulke wijnen drinkt?
We praten wat. Martin is nog heel zwak, en ook heeft hij het gat tussen zijn sprong naar die andere Realiteit, en zijn bijkomen hier nog niet geheel ingevuld. Ik beantwoord dus nog wat vragen over zijn redding en over de Overschaduw, dingen die Random en zo toch ook al weten. En dan komt de gebeurtenis met Julian ter sprake. Martin vindt het eng. Hij ziet twee mogelijkheden: of er luistert iemand mee en aangezien ik me daar bewust van zou zijn, wordt mijn geheugen geblokkeerd, of iemand neemt me over. Ik vrees dus dat het die laatste mogelijkheid is, en Martin is het met me eens dat dat toch minder is. Hij wijst me er op dat er Elders zijn die redelijk competent op dat vlak zijn, Fiona bijvoorbeeld. Hij laat het echter helemaal aan mij over om te beslissen of ik ze zover durf te vertrouwen. Alleen de gedachte al een ander in mijn geest rond te laten lopen bezorgt me de rillingen, er moet een andere manier zijn. Als tijdelijke oplossing suggereert Martin om mijn geest ondoordringbaar te maken, daar zijn namelijk methoden en voorwerpen voor. Hij zal er voor mij achter aan gaan. Als zoon van de koning denkt hij wel wat te kunnen regelen. Ik raadt hem verder aan om met Julian te praten. Dat zal wel wat moeizaam gaan, maar we moeten dat hele verhaal te weten zien te komen. Elke aanwijzing is er een.
Ik oefen Sara nog met de troefschets, en begrijp dan de waarschuwing van Boadice pas. Sara blijkt eigenlijk helemaal niet geschikt te zijn voor troefcontact. Zodra ik contact krijg moet ik het ofwel verbreken, ofwel haar overnemen. Doe ik dat niet dan gaat ze bewusteloos. Het is me wel duidelijk dat deze troef niet voor dagelijks gebruik is. Sara vindt het eigenlijk ook helemaal niet prettig. Toch, in geval van nood is het nuttig een extra uitwijkmogelijkheid te hebben. Ik kan Sara namelijk wel gebruiken om mezelf door te halen.
Als kleding voor het bal komen we uit bij een uitdagende, maar nog net wel beschaafde jurk, in het donkerrood. Verder krijg ik haar niet van haar juwelen af. Veel en groot, zucht.
Adrian tref ik ook nog een keer. Hij vertelt me in geuren en kleuren hoe Boadice Sargon van de Carth-eilanden heeft gezet. Dat blijkt werkelijk een aanfluiting te zijn geweest. Geen voorbereiding, geen plan, het is dat er feitelijk ook geen tegenstand was. Ik kan me echter voorstellen dat een bepaalde familie in de Hoven heel geïnteresseerd zal zijn in dit verhaal. En dat ze zo iemand als Sargon gewoon door haar vingers laat glippen, echt ongelofelijk.
Martin blijkt bij Random een hanger geritseld te hebben met daaraan een zwarte druppel. De hanger is activeerbaar volgens hem. De meeste Amberieten schijnen hem niet te gebruiken omdat het als teken van zwakte gezien wordt. Activatie gaat met je geest, en dat ding kan die activatie altijd oppikken. De druppel vormt een hele sterke barrière. Zo sterk dat je er ook niet doorheen kunt troeven of getroefd kan worden.
Martin heeft met veel moeite ook Julian’s wantrouwen weten te overwinnen en kan mij nu dus het verhaal vertellen. Als experiment proberen we het eerst met de druppel gedeactiveerd, om het later eventueel nog eens met een geactiveerde druppel opnieuw te proberen. Helaas hoor ik het hele verhaal al terwijl de druppel nog niet geactiveerd is. Dat zou wel eens op intelligentie kunnen wijzen van wat er zich ook met mijn geest bezig houdt. Ik verneem dat in het verhoor mijn naam viel, en wel als ‘neef Murlas’. Dat schijnt duidelijk verstaanbaar zo gezegd te zijn. Julian heeft verder in verschillende Schaduwen verwijzingen naar de sekte gevonden, het heet de sekte van Ornach, en de verschillende Schaduwen wijzen op Schaduwreizen. Ofwel ze kunnen het zelf, ofwel er zit iemand achter die het kan. Julian bleek zich verder af te vragen of er inderdaad iemand van mijn moeder’s zijde achter zat, en hij had mij gevraagd dat uit te zoeken.
Als experiment draag ik de druppel gedurende acht dagen continue geactiveerd, en zowaar, ik krijg in die periode geen black out. Martin en ik concluderen dan ook voorzichtig dat het wel eens extern zou kunnen zijn. Martin zoekt daarbij naar een verband tussen mijn ‘neef’ en Azrain. Dan schiet het me te binnen, de droef kijkende bruinharige jongeman met blauwe ogen, de vierde troef van Sand!
Het lijkt erop dat ik op dat Bal eens met de nodige mensen moet gaan praten. Sand bijvoorbeeld, die neef, mocht ik hem treffen, misschien eens een kennismaking met het huis van mijn moeder? Ik moet gewoon zoveel mogelijk te weten zien te komen, ontdekken wie er achter dit alles zit. Hoe meer ik weet, hoe sterker ik in mijn schoenen sta als ik uiteindelijk bij de Elders aanklop, mocht dat dan nog nodig zijn.
De tijd tot het Bal breng ik zoveel mogelijk buiten het paleis door. Als mensen me willen spreken maken ze maar een afspraak. Ik hou de druppel bijna continue aan, er zo voor zorgend dat de andere partij geen kans meer heeft verder met mijn lichaam te oefenen. Want dat ze dat aan het doen waren, daar ben ik ergens wel van overtuigd.
Een geactiveerde druppel geeft me trouwens helemaal geen lekker gevoel. Pas nu besef ik hoeveel ik altijd mentaal van de omgeving oppikte. Maar toen Sara me laatst zomaar van achteren even aantikte schrok ik me haast lam. Gelukkig begin ik na een paar weken weer wat andere non-verbale communicatie op te pikken, en ook past mijn lichaam zich wat aan de nieuwe situatie aan, een beter gehoor bijvoorbeeld, Toch blijf ik me uiterst ongemakkelijk voelen.
[Even technisch, maar theoretisch heeft Murlas nu ook Power Creatures en Animal Abilities, beiden een onderdeel van het zware pad naar advanced shapeshifting]
Murlas