14 oktober 1994 Sessie 30 Afwezig: -
Nichtjes, nichtjes en eilandjes
Alexander zoekt Boadice, maar vindt slechts een briefje op haar deur: “A&M, moest even weg, troef me, vanavond.” Random is wel beschikbaar en wil hem best een standaard troevendeck verschaffen. Random heeft echter de troevenschets van Kashfa nodig om wat spullen op te halen. Een troef van Random is voldoende om Alexander zijn originele deck terug te geven. En zo haalt Alexander wat spullen in Kashfa op, troeft hij Monias om hem een brief af te geven en ontmoet hij Flora. Deze is duidelijk in haar sas dat Alexander haar benaderd heeft over het gevoelige punt van de volgorde van aankondiging tijdens het Bal. Deze aankondiging gaat in oplopende volgorde van belangrijkheid, met Random natuurlijk als laatste. Vlak daarvoor moet Benedict, daarvoor weer Corwin, dan Caine, Deirdre, Fiona, Bleys, Flora, Llewella, Julian en Gerard. Flora laat nadrukkelijk weten dat Sand en Delwin er niet bij horen. De kinderen gaan de Elders vooraf, en wel in dezelfde volgorde als hun ouders. Tenzij ze natuurlijk samen met hun ouders gaan, in dat geval worden ze gezamenlijk met hun ouders aangekondigd. De derde generatie, zoals Myrthe, moet helemaal aan het begin. Melusine hoort daar ook. Rhiane is niet echt legaal, maar Gerard heeft de verantwoordelijk voor haar op zich genomen, ze kan dan ook net voor de bastaards. Wat Murlas betreft moet Alexander zelf weten hoe graag hij hem mag. Murlas kan op de plaats van Caine’s zoon, maar als bastaardje zou hij ook niet misstaan. Diana valt weer onder de derde generatie. Rinaldo is een zoon van Brand en zou dus voor Flora’s kinderen moeten, hij kan echter ook onder de bastaards gerangschikt worden. Flora maakt zich verder niet zo veel illusies over Algo, die jongen gaat zijn eigen gang. Aan de huwelijkskandidaten wordt nog gewerkt. Flora verwacht de problemen op het Bal niet bij de vendetta’s, Amberieten zijn tenslotte beschaafde mensen. Nee de moord- en doodslag zal uit een andere hoek komen.
Alexander krijgt later op de dag antwoord van Monias. Deze kan vanwege de politieke gevolgen zijn vraag niet precies beantwoorden en wil als enige tip voor Alexander’s neef geven dat er meerdere personen die in de Nexus geïnitieerd zijn, interesse in hem hebben. Monias verwacht verder problemen met de huwelijkskandidaten en heeft gebrek aan personeel om dat op te lossen. Of Alexander een oogje in het zeil kan houden? Zorgen dat de kandidaten niets overkomt en zo.
Dan is er ook nog antwoord van Gerard, dit keer is het niet persoonlijk, maar schriftelijk. De brief is zo formeel mogelijk en doet op een koele toon en zo minimaal als maar kan wat Alexander vraagt. Alexander brengt er vervolgens zijn stiletto weg en haalt er twee wapens en wat flesjes op.
Na het eten wordt Murlas getroefd door Boadice. Ze laat weten zover te zijn en wordt door Murlas doorgehaald. Murlas troeft vervolgens even in het geniep Martin, en dat terwijl Martin nota bene in dezelfde kamer zit. Boadice en Murlas verdwijnen naar het Patroon en troeven daar Alexander. Nadat deze is doorgehaald worden de laatste details geregeld. Alexander wil weten hoe hij Yaslin duidelijk kan maken dat Boadice achter de actie staat. Voor Boadice is dat heel simpel: vertel het haar. Alexander heeft er wat moeite mee: “Net als dat ik naar Adrian stap en zeg ik wou je niet verwonden maar alleen maar scheren. Of geloof je iedereen op zijn woord?” Een interessante vergelijking. Boadice probeert nog even of ze Yaslin al kan troeven, en als dat niet het geval blijkt geeft ze de troef van Yaslin aan Alexander.
Na het Patroon gelopen te hebben teleporteert Alexander naar de plek. Deze teleportatie gaat heel moeizaam, en het troefcontact dat hij met Murlas onderhield is meteen verbroken. Op de plek aangekomen kan hij Yaslin echter wel troeven. Deze kent hem nog wel, is in de eerste ruimte en haalt Alexander door. En zo arriveert Alexander bij Yaslin, èn Adrian. De twee broers vliegen elkaar zowaar niet meteen naar de keel, hun verhouding is echter wel heel koeltjes. Alexander geeft Yaslin een zwaard, en vervolgens zoeken ze een weg naar buiten. Adrian weet geen makkelijk weg, en als Alexander eens in de zesde ruimte gaat kijken, komt hij tot de ontdekking dat hij er ook geen weet. Dworkin is namelijk weg. Adrian merkt tijdens het verblijf wel iets (namelijk Murlas en Boadice die hem gezamenlijk proberen te troeven), maar als hij zich zelf op een troef concentreert gaat het gelukkig weer weg.
Boadice kan het niet hebben dat ze daar maar in de Patroonkamer moet wachten zonder te weten wat er aan de hand is en haalt zich dan ook in haar hoofd dat ze het Patroon moet gaan lopen. Murlas is heel wat nuchterder. Volgens hem zijn er al genoeg lui via dat Patroon verdwenen, ze kunnen beter eerst eens afwachten of er ook nog eentje van terugkeert.
Het blijkt dat Adrian via Corwin’s Patroon bij Yaslin beland is. Niet dat dat ze veel helpt. Yaslin heeft Dworkin nog wel eens gezien, maar de afgelopen paar dagen niet meer. Ze suggereert troefcontact naar buiten, maar dat werkt niet. Dan proberen ze het Yaslin te laten doen met steun van de twee broers. Yaslin heeft daarvoor nog wel wat uitleg nodig maar ze komen erdoor. Helaas voelt Boadice het troefcontact als ze net bezig is met het Patroon (had ze ook maar naar neef Murlas geluisterd) en kan ze het dus niet aannemen. Aangezien Yaslin het verschil tussen een geweigerde en geblokkeerde troefcontact niet kan maken, kan het drietal daar slechts concluderen dat de poging mislukt is. Adrian probeert het vervolgens ook, maar de broederlijke hand van Alexander op zijn schouder is daarbij duidelijk te veel. Alleen met Yaslin komt hij niet door de barrière heen.
Boadice herinnert zich op het Patroon vooral de angstige momenten, maar arriveert uiteindelijk toch in het midden. Daar heeft ze zin om eens flink te gaan huilen en terecht, ze heeft het Patroon namelijk volkomen voor nop gelopen. Het enige wat haar ervan af houdt is de aanwezigheid van die griezel van een neef van haar, door sommigen ook wel Murlas genoemd.
Bij het drietal gaat het ook lekker. Alexander is na Adrian’s afwijzing boos weggelopen, maar als hij na een half uur weer troefcontact opneemt met Yaslin, weet deze hem toch zover te krijgen weer mee te doen. Dit keer concentreren ze zich alle drie op dezelfde troef. En raadt eens welke troef ze daarvoor nemen? Jawel, die van Murlas. Murlas voelt, evenals Boadice eerst, inderdaad een vaag troefcontact. Of iemand hem vanuit de Hoven wil bereiken of zo. In tegenstelling tot Boadice neemt hij het troefcontact echter wel aan, en door twee handen uit te steken haalt hij het drietal nog door ook.
Yaslin wordt enthousiast door Boadice begroet en de twee verdwijnen zonder verder nog een woord van dank tot de redders te richten. In Boadice’ appartement wordt Yaslin gebadderd en wordt er bijgekletst. Groen en grijs lijken Yaslin wel aardige kleuren. Boadice vertelt verder over haar wederwaardigheden, zonder daarbij Gran te noemen. Yaslin vertelt op haar beurt in geuren en kleuren over haar twee ontmoetingen met Alexander. Beiden blijken elkaar nog gezocht te hebben nadat ze het Patroon gelopen hadden, maar ze hebben elkaar toen gewoonweg niet gevonden. Yaslin heeft in totaal zo’n twee jaar rondgezworven, Boadice vijftig. Yaslin blijkt zich op een gegeven moment te hebben aangesloten bij een groepje huurlingen die ergens moesten inbreken en er iets mee moesten nemen. Het was niet duidelijk waar het precies om ging, en het was een moeilijke opdracht. Ze slaagden echter, maar toen Yaslin eindelijk met het kistje in haar hand stond, werd ze naar Het Labyrint getransporteerd. Yaslin maakt zich trouwens flink kwaad op hun vader die vanwege allerlei politiek gekonkel weigert hen op te zoeken.
Uiteraard vraagt Boadice Yaslin’s hulp bij de Carth-eilanden, en Yaslin wil dat best. Ze vraagt slechts tien procent. Boadice legt uit dat geld hier niet echt een probleem is en Yaslin blijkt een snelle leerling te zijn, Boadice is haar gewoon nog wat schuldig voor die hulp.
Aangezien Yaslin de familie wel wil ontmoeten, troeft Boadice Random maar eens. Deze krijgt vervolgens een naar het schijnt volledig verslag van de gebeurtenissen. Boadice licht Yaslin ook nog even in over Monias, maar helaas vindt Yaslin dat dus wèl interessant.
De volgende ochtend gaat Boadice op weg naar Gerard. Deze is echter niet in zijn suite. Julian is wel in de buurt en waarschuwt haar dat Gerard een beetje een slecht humeur schijnt te hebben de laatste tijd. Maar ach, hij is er toch? Boadice probeert Julian af te wimpelen door te zeggen dat het om Gerard’s vloot gaat. Helaas, een paar scheepjes voor dat despootje op de Carth-eilanden kan Julian ook wel regelen. Als Boadice verbaasd opmerkt dat Julian toch over Arden gaat, merkt Julian slechts op dat je dat niet zo beperkt moet zien, iedereen van de familie heeft zo zijn mogelijkheden. Boadice slaat het aanbod toch maar af.
Na een geweigerd troefcontact met Gerard regelt Boadice de kennismaking van Yaslin met Rhiane. De twee blijken elkaar goed te liggen. Beiden hebben belangstelling voor zwaarden en andere vechttechnieken. Ook wordt er flink wat afgeroddeld, over Boadice bijvoorbeeld. De twee trainen ook nog even en blijken aardig aan elkaar gewaagd te zijn. Rhiane is echter toch de betere.
Het tweede troefcontact met Gerard lukt. Niet dat het verder goed gaat of zo. Gerard is kwaad dat hij op vakantie gestoord wordt voor een trivialiteit als de Carth-eilanden en verbreekt met de bevestiging dat hij inderdaad de admiraal is de verbinding. Er rest Boadice niets anders dan met hangende pootjes naar Julian terug te gaan. Deze wrijft het er nog wel even in en merkt fijntjes op dat hij het al wel wist toen hij hoorde dat Gerard door Random op vakantie was gestuurd omdat hij zo uitermate geprikkeld reageerde op zijn omgeving. Boadice hoeft verder helaas niet te kruipen, Julian’s aanbod staat nog steeds. Bovendien kan ze dan meteen wat voor hem doen. Julian heeft namelijk een tijd met Boadice’ paard staan praten, een intelligent beest volgens hem, en weet dus dat ze paarden fokt. Nu wil het toeval dat Julain op zoek is naar nieuw fokmateriaal, hij zou er dus graag eens een kijkje willen nemen. Boadice beseft dat Julian graag een paard van haar wil en stemt toe. Julian regelt dan de drie snelle en goed bewapende schepen voor haar, compleet met troepen.
Adrian heeft de nacht bij Corwin’s Patroon doorgebracht en daar met Rinaldo gepraat. Hij wordt nu door een troef van Boadice gestoord, of hij even mee komt helpen met de Carth-eilanden. Adrian zucht eens maar stemt er uiteindelijk in toe om als een soort troef-backup op te treden en voor centrale meldpost te spelen. Ook zal hij Boadice zijn adviezen niet onthouden.
Murlas wordt niet door Boadice getroefd, maar vermaakt zich ook zo wel. Hij krijgt namelijk een bezoekje van Julian. Deze heeft een beetje een vreemd verhaal, een verhaal dat met Murlas te maken heeft. Julian vertelt dat een aantal van zijn mannen onlangs iemand gevangen genomen hebben, iemand waar wat vreemds mee was. Het ging om een onbekende jongeman met bruin haar die zich op een plek bevond waar hij niet hoorde. Het betrof niet een beveiligde plek, maar toch, hij had daar niets te zoeken. Julian’s wachters hebben de man verhoord om er achter te komen wat hij daar deed, en tijdens dat verhaal viel Murlas’ naam. Uiteraard stuurden ze onmiddellijk een koerier naar Julian, maar toen deze op de plek arriveerde was het reeds een plek des onheils geworden. De wachters waren dood, de gevangene ontsnapt. Julian is er vanzelfsprekend achteraan gegaan, en vond zo een spoor van een groep vreemde lieden. De lui droegen oranje maskers en hadden iets fanatiek religieus over zich. Bovendien hadden ze de slechte smaak zichzelf te doden voor Julian ze even goed aan de tand kon voelen. Julian is nu bij Murlas omdat ... En dan komt Murlas weer bij. Zijn kamer is verlaten, zijn meubels een puinzooi. Hij troeft meteen Julian, en deze blijkt nog te leven. Murlas merkt dat Julian klaarblijkelijk niets opgevallen is, en maakt zich van het troefcontact af door te zeggen dat hij waarschijnlijk een spoor heeft, maar het eerst nog even wat verder wil uitzoeken.
Boadice heeft haar gevechtsploeg inmiddels bij elkaar. Voor het vertrek wil Rhiane nog wel even de plannen weten. Deze blijken volledig uit wishful thinking te bestaan: Vloot verslaat vloot en zorgt dat Sargon niet ontsnapt, en daarna verslaan ze Sargon zelf. Rhiane wijst er nadrukkelijk op dat er iets tegenover haar deelname zal staan en verder kan zo’n plan natuurlijk fout gaat. Boadice doet daar niet moeilijk over, proberen ze het gewoon nog een keer. Ondanks haar twijfels over de voorbereiding en het wel wat erg zwakke plan besluit Rhiane mee te blijven doen. Dat ze op magische verrassingen niet berekend zijn wordt voor lief genomen. Ook het terugtrekken is niet tot tevredenheid geregeld, wat Boadice betreft wordt er namelijk niet teruggetrokken.
En zo naderen de drie schepen de Carth-eilanden. De twee schepen van Sargon liggen in de haven, maar komen daar al spoedig uit. Ze voeren Sargon’s persoonlijke vlag, een combinatie van zwart en rood met een pentagram erin. De twee schepen zonder Amberieten gaan er voluit op in, terwijl het derde schip de achterhoede dekt. Dat blijkt al snel nodig, er verschijnt een rode, vuurspuwende draak ten tonele. Snel wordt de pijlenwerper door Rhiane bemand. De eerste pijl mist, de tweede niet. Helaas heeft de draak ook kans gezien om tegelijkertijd de voorste helft van het schip met zijn vlammenwerper te treffen. Gelukkig raakt hij het niet voluit, maar blussen blijkt toch verrekte lastig te zijn. De volgende aanval van de draak is een schijnaanval, de pijl mist dan ook. De draak heeft duidelijk last van zijn verwonding, maar zet door. De vierde pijl raakt hem goed, maar de draak ziet nog kans het achterdeel van het schip volledig in lichte laaie te zetten. Rhiane kan niet anders dan in het water te springen. Yaslin rent ondertussen naar Boadice toe en dringt er op aan de aanval af te breken. Boadice wil daar niet van horen. Ze zet een soort troefpoort op naar een steegje op de eilanden en haalt de rest daar doorheen. Aangezien de andere twee schepen nu buiten bereik zijn, laat Boadice ze maar even aan hun lot over en rukt ze met het schamele overblijfsel op naar het kasteel. Dat oprukken gaat opvallend probleemloos. Boadice heeft haar Patroon klaar, maar het is nergens voor nodig. Met Rhiane voorop, Boadice daarachter, dan de mariniers en met Yaslin in de achterhoede ontdekken ze dat de eerste verdieping van het kasteel al schoon is. Bij de tweede verdieping is er wel tegenstand, kruisbogen. Met veel moeite wordt er een stuk tapijt los getrokken, maar helaas gaan de pijlen er dwars doorheen. Dan maar een deur. Aangezien de pijlen van twee kanten komen, wordt de deur in tweeën gehakt en rukken ze zo ook op de tweede verdieping op. Voorzichtig de (gemeubileerde maar verder lege) kamers verkennend die op de gang uitkomen, gaan ze verder. Dan komt er een vrouw met rood haar aangelopen, ze is gewond aan haar schouder en zij. Ze stelt zich voor als Lucia. Ze is het niet met Boadice eens dat ze hier weg zou moeten, het kasteel stond tenslotte leeg. Boadice voelt weinig voor onderhandelen en geeft haar drie seconden om zich over te geven. Rhiane is was pragmatischer en vraagt of ze voor of tegen hen is. Lucia antwoordt dat dat er aan ligt. Boadice is ondertussen uitgeteld en richt onbezonnen haar boog. Lucia stapt slechts even een hoekje om.
Het gesprek gaat gelukkig gewoon verder. Lucia wil wel weten wat ze te bieden hebben. Sargon mag dan wel redelijk betalen, hij is er meestal te laat mee. Oscar blijkt haar verder wel te kennen, ze is volgens hem de dochter van Merik. Eigenlijk zit heel haar familie wel in de beveiligingsbusiness. Haar neef George had bijvoorbeeld dat baantje bij de Nexus.
Lucia eisen blijken bescheiden te zijn, een eigen landgoed, een officiële positie, invloed, een ruime salariëring, dat is het eigenlijk wel. Gelukkig is een eigen Schaduw ook goed. Als garantie krijgt ze het woord van Vrouwe Boadice. Ze neemt er nog genoegen mee ook. Ook haar mannen gaan akkoord. Sargon regelt Lucia niet voor hen, dat moeten ze zelf maar regelen. Wel wijst ze hen in welke kamer Sargon zit.
Sargon blijkt een oude vent te zijn, die verstoord op de interruptie reageert. Sargon is verbaasd over Boadice haar claim. Hij heeft dat toentertijd nagekeken, en er zat niks. Aangezien er bestuur nodig was, heeft hij dat toen op zich genomen. Afkeurend informeert hij of Boadice soms degene is die al die tijd niets geregeld had. Boadice denkt daar onder uit te kunnen komen door op te merken dat ze de eilanden pas sinds kort heeft. Maar ook daarvoor heeft Sargon zijn repliek klaar. Hij had dat volgens haar namelijk wel gewoon kunnen melden. Dat komt hier maar zonder overleg met bruut geweld binnen zetten. Sargon kent echter zijn plaats en is bereid te vertrekken. Helaas houdt Rhiane hem tegen. Als Rhiane vervolgens Boadice probeert te troeven voor wat overleg onder vier ogen, voelt ze plotseling een schok. Automatisch laat ze Sargon los en deze springt meteen uit het raam en vliegt weg. Boadice had al duidelijk laten merken dat ze Sargon het liefst dood had, en schiet hem nu dan ook rustig neer. Ze draagt Lucia op hem te gaan zoeken, maar deze heeft daar weinig vertrouwen in. Sargon was tenslotte een magiër. Boadice zoekt dan maar zelf, maar vindt hem niet meer.
Dorian kijkt naar Elaine, maar voelt dan iets in zijn rug prikken. Zich omdraaiend ziet hij dat een vrouw hem staat aan te staren. De vrouw heeft oranje, peenkleurig haar, wat krullend en draagt een lange regenjas. Ze staart echt naar Dorian, en fronst daar bij. Dorian voelt dat er iets is aan die vrouw, heel vaag, en het is geen Patroon of Logrus. Elaine kent de dame niet, maar is er al bijna van overtuigd dat ze van de geheime dienst is. Wegwezen dus. Op het moment dat ze wegrijden kijkt de dame bijna angstig en draait ze zich vervolgens om.
Na zo’n tien minuten rijden stopt Dorian de auto en wil hij eens met Elaine over wat dingetjes praten. Elaine is echt wantrouwig, maar Dorian weet zeker dat ze familie is. Ze blijkt met een actie bij Sellafield bezig geweest te zijn, je weet wel, van dat vredestuig. Ze was net door het hek heen en had verder nog niks gedaan toen ze werd opgepakt en met flink wat knuppels bewerkt. Ze kwam bij in dat huis, alleen. Ze zat een tijdje gevangen in een kamer en kreeg daarbij wel eten van iemand. Wie die persoon was weet ze niet. Op een avond waren er heel raar van die blauwe lijntjes om de deur, en kon ze er plotseling uit. Ze ontmoette toen een middeleeuwse vent met een panter, maar deze verdween even later in wat regenboogjes. Buiten zaten verder allemaal honden, zodat ze er niet uitkon. Ze heeft sindsdien geprobeerd de aandacht te trekken, en bij Dorian is dat dus gelukt. Volgens haar moet ze minstens een dag of drie, vier in dat huis zijn geweest.
Uiteraard informeert Dorian ook naar haar ouders, en het blijkt dat met name haar vader interessant is. Deze is namelijk onbekend. Haar moeder was een bekende activiste die tien jaar geleden door een auto-ongeluk om het leven was gekomen. Tenminste, ze zeiden dat het een auto-ongeluk was. Ze heeft na dat ongeval nog een tijdje bij haar grootvader gewoond, maar daar was het zo’n saaie boel dat ze maar is weggegaan.
Dorian is Elaine langzaam aan het inwijden in de familie. Dit gaat uiterst moeizaam, maar na de nodige intelligente konijntjes met tolhuisjes waar je in worteltjes betaald en een klein uitstapje naar Ewoks begint ze het toch min of meer te accepteren. En het idee dergelijke dingen zelf te kunnen staat haar duidelijk wel aan.
Dorian troeft Flora en blijkt haar te wekken. Voor een nieuw familielid mag dat echter altijd. Dat haar ouder niet bekend is vindt Flora echter maar niets. Ze weet verder niet wie er achter zit.
[Ingekomen mededeling:] Als Dorian na zijn gesprek met Flora met Elayne het restaurantje verlaat staat hij ineens weer oog in oog met de zelfde oranje-harige dame die bij het landhuis ook naar hem stond te staren. Hij vindt dit toch wel wat verdacht, vooral gezien het feit dat ze hier in een andere schaduw zijn. Ze vraagt hem in het Frans wie hij is, maar dat wil Dorian wel eerst van haar weten. De dame blijkt Tizzy te heten en Dorian heeft voor haar iets bekends. Ze vraagt of hij haar eerder gezien heeft, want zelf weet ze dat niet meer. Ze is een gedeelte van haarzelf kwijt: ze herinnert zich dat ze nu al een aantal jaren in Frankrijk woont, maar daar voor is alles heel wazig. Dorian stelt zich dan toch ook maar eens voor, maar zijn naam doet geen belletje bij haar rinkelen. Amber echter wel: daar had ze wel eens van gedroomd. Was daar niet een koning Oberon met zijn koningin Cymnea. Eh, nee, dat is toch al best wel lang geleden.
Dorian besluit dat hij beter beide dames mee naar Amber kan nemen, dus hij Patroont het groepje naar zijn kamer in het kasteel. Daar laat hij Tizzy even achter en gaat eerst Elayne voorstellen aan Random, waarbij diens drum-uurtje wredelijk verstoord wordt. Uit het feit dat Elayne 17 is leidt Random af dat ze na de Patternfall Oorlog geboren moet zijn, wat de lijst van mogelijke kandidaten voor het ouderschap enigzins beperkt. Natuurlijk krijgt hij van Dorian het hele verhaal te horen, hetzij zonder enige vermeldingen van Tizzy's aanwezigheid. Random acht het mogelijk dat iemand als Rinaldo of Merlin Elayne's vader is, maar het is ook mogelijk dat niet haar vader maar een van haar grootouders Amber bloed had. Dat zou haar afstamming wel weer een stuk onduidelijker maken. Met het excuus dat hij nog een prive-zaakje heeft waar hij zich mee bezig moet houden weet Dorian onder de taak van het zorgen voor Elayne uit te komen; deze wordt op zijn suggestie doorgeschoven naar tante Flora. Dorian haast zich terug naar zijn kamer, maar in de gang komt hj Tizzy al tegen, druk in gesprek met Benedict. Deze wil wel weten hoe vrouwe Tiziane hier in Amber komt. Dorian legt het uit, waarop Benedict hem aanraadt Tizzy te vergeten. Als Dorian wat aandringt voegt hij eraan toe dat het gezonder is om niet bij deze zaak betrokken te raken. Benedict neemt Tizzy mee en laat een enigzins verwarde Dorian in de gang achter. [einde ingezonden mededeling]
Rhiane winkelt alvast en koopt een lange jurk met een laag uitgesneden rug, blote schouders en bijpassende lange handschoenen. Het geheel is uiteraard in de kleuren oranje en groen.
Maurice