29 december 1995                  Sessie 50                        Afwezig: -


En Nou Is Het Genoeg


Adrian herinnert zich nog net voordat Murlas de ruimte verlaat de ondervraging door Flin. Murlas trekt een wenkbrauw op en informeert op welke punten Adrian’s verhaal dan wel af mag wijken. Iets met een vastgebonden Sereva en bepaalde privé spelletjes dus. De relatie met Murlas heeft Adrian verder als zakelijk weergegeven, terwijl de messporen op Sereva weer iets persoonlijks waren.

Murlas is wel nieuwsgierig naar wie die Flin eigenlijk op zoek was, naar de moordenaar of naar een zondebok? Daar had Adrian nog niet over nagedacht. Hij denkt dat Flin richting de conservatieven zoekt. Aangezien Adrian echter van Flin over Murlas’ relaties met die hoek gehoord heeft is dat dus geen goede uitvalshoek. Murlas suggereert om Alexander maar als dader naar voren te schuiven. Deze heeft tenslotte een mooi motief. Dergelijke spelletjes zijn echter gevaarlijk en het tweetal besluit het eerst allemaal maar even aan te zien.

 

Boadice heeft net een uitgebreid plan bedacht om de kloof te kunnen passeren als het probleem voor haar wordt opgelost. Er komt een compleet leger uit. Van de andere kant komt er ook al eentje. En het wordt knap donker. Ze zoekt samen met Frewar beschutting en dat is maar goed ook. Die verkenners komen soms akelig dichtbij.

Na verloop van tijd wordt het duidelijk dat beide legers tot hetzelfde kamp behoren, dat van de rebellen. Frewar staat er dan ook op dat het paleis gewaarschuwd wordt, dergelijke legers trekken niet voor niets op. Bleys is helaas niet bereikbaar, Adrian wel. Terwijl de kreten ineens akelig dichtbij klinken wordt hij snel ingelicht.

Boadice slaat Adrian’s aanbieding om het tweetal door te halen af, iets wat weleens niet haar meest slimme zet kan zijn. Het contact is namelijk nauwelijks verbroken of er staat aan beide kanten van hun schuilplaats zo’n griezel. Beiden hebben een rijdier waar ze nu vanaf stappen. En met die ring van ze zouden ze het gebruik van het Patroon weleens gedetecteerd kunnen hebben. Het gevoel wat ze geven is ijzingwekkend. Boadice wil meteen Adrian troeven maar daar is geen tijd meer voor. Temeer niet daar Frewar er inmiddels al op af is gegaan. Boadice neemt de andere kant dus maar. Haar tegenstander heeft iets dreigends, net zo’n gevoel als toen in de kloof. Hij heeft verder een of ander gekarteld zwaard, duidelijk geen gewone. Boadice haar zwaard voelt meteen ijskoud als het daarmee in aanraking komt en het contact gaat met een klank alsof het laatste slot van haar doodskist net is dichtgevallen. De wezens vechten met een ijzige vastberadenheid. “Tsss”, het zwaard van Frewar treft doel. Boadice weet via een afleiding hetzelfde te bereiken. Dat is nou jammer. De ijzige kou schiet via haar zwaard haar arm in. Meteen laat ze haar wapen los, een zwaard wat inmiddels al half is opgelost. De griezel heeft er totaal geen last van. Hm, misschien is ijzer toch niet zo’n geschikt materiaal. En de tijd begint te dringen. Het wezen raakt haar namelijk in haar arm, een arm die ijzig koud en al snel gevoelloos wordt.

Boadice houdt het wezen met stenen op een afstand en weet met een welgerichte worp op zijn zwaardarm hem te ontwapenen. Helaas heeft hij ook nog een gekarteld mes. Maar voor Boadice is deze kans genoeg. Ze pakt het zwaard, negeert de ijzige koude in haar hand en slaat het wezen zo’n beetje de kop af. Dit werkt wel, er blijft alleen een hoopje stof over.

Om de kou in haar lichaam te verdrijven concentreert Boadice zich op een troef die ze op haar lichaam draagt.

 

Alexander zit nog bij Belissa als hij het opeens heel koud krijgt. Hij trekt zich even terug en troeft zijn goede vriend Murlas. Alexander’s linkerarm is inmiddels al heel koud. Murlas voelt dat er een kracht aan het werk is en dat die over de link gaat. Hij heeft duidelijk geen zin Alexander’s lot te delen en vraagt hem waar hij zit. Na de nodeloze opmerking dat het gevaarlijk is wordt het contact verbroken.

Alexander beseft dat hij zal moeten wachten totdat Murlas arriveert. Maar aangezien het iets schijnt te zijn wat zich via troeven kan verspreiden doet hij voor alle zekerheid een zogenaamde ‘Trumph Disrupt’. Dit blijkt nog te helpen ook.

Alexander is echter nog niet uit de problemen. De vier aan Murlas uitgeleende bedienden komen namelijk terug en doen verslag van het lot van Murlas. Het blijkt dat deze inderdaad terstond op weg is gegaan naar Alexander, de dreigende sfeer in de gangen ten spijt. Helaas stuitten ze hier vlakbij op een stel lui in een livrei uit de conservatieve hoek. Ze hadden orders van Jaill Helgram om hem mee te nemen. Uiteraard legde Murlas zich direct bij de overmacht neer. Hij kreeg geen toestemming om naar Alexander te gaan, wel mocht hij nog een laatste troefcontact plegen, Adrian dus. De bedienden moesten Alexander maar op de hoogte brengen van deze kleine vertraging.

 Het bericht van de vier bedienden resulteert prompt in de uitzending van een blik boodschappers. Alexander voelt zich verder nog steeds niet lekker. Toch lastig als de suite overvallen wordt door Pardai en zijn kornuiten. Alexander laat zich niet kennen en vecht vol aan de zijde van Belissa mee. Thena krijgt van hem de vrije hand. De tactiek is erop gericht zoveel mogelijk tegenstanders enigszins uit te schakelen. Hij heeft daarbij het voordeel dat de Hendrakes goed georganiseerd zijn, de tegenstanders helaas dus ook. Verder heeft Alexander echt last van de koude. En shapeshiftende troepen maken uit. Toch, door risico’s te nemen, worden de partijen uiteindelijk redelijk gelijkwaardig. En net als het dus interessant wordt komen de spelbrekers, in dit geval lui van de conservatieven. Ze proberen het gevecht stil te leggen en dwingen Pardai om zich uit het gevecht terug te trekken. Alexander gebruikt de adempauze om Bleys of Fiona te troeven, beiden geven niet thuis.

De conservatieven overhandigen Belissa een ultimatum. De status van de ex-Hendrakes is voor hen niet van belang, beide kanten zijn op dit moment slechts een minor House. Alle Amberieten moeten echter in preventieve hechtenis genomen worden. Belissa vindt dat Alexander zelf moet weten of hij daarop in gaat. Belissa vindt dat haar Huis het aan hem verplicht is om desnoods met hem ten onder te gaan. Alexander probeert Boadice te troeven en krijgt zowaar heel zwak contact. Hij licht haar snel in over de gebeurtenissen in het paleis en vraagt haar hem door te halen. Boadice weigert. Er rest Alexander dan ook niets anders dan zijn troeven en Thena bij Belissa onder te brengen en zich over te geven. Het goede nieuws is dat hij in hechtenis genomen worden en daarvoor gelden dus regels. De conservatieven hechten er nog aan ook. Dat doen ze echter ook aan Alexander’s troeven. Helaas levert zelfs het fouilleren van alle Hendrakes geen troeven op.

 

De wachters/bedienden brengen Murlas naar Jaill’s suite, een suite die er duidelijk als een hoofdkwartier uitziet. Jaill is er druk bezig bij tafel met een aantal bewegende lichtjes. Tirga is er ook.

Jaill heeft het druk en komt dan ook meteen ter zake. De troonopvolging is geen issue meer. De zaak is uiteraard volledig onder controle, hoewel er hier en daar nog wel wat dingetjes af te werken zijn. Het wordt nu echter wel tijd voor Murlas om zeer openlijk en duidelijk een kant te kiezen. En de toon waarop dat gezegd wordt herkent Murlas, die heeft hij vaker gehoord, alleen was het toen in de Overschaduw en was de spreker Wolf.

Murlas heeft niet veel moeite met zijn keuze. Amber en zijn hele familie verraden? Geen probleem, wat moet hij doen? Dat blijkt simpel. Alle Amberieten worden in preventieve hechtenis genomen en Jaill wil graag weten wat er daar speelt. Hij zoekt dus een informant. En laat Murlas nu net een Amberiet zijn, Jaill zou hem voor deze dienst zeer erkentelijk zijn.  En zo raakt Murlas zijn spullen kwijt en verdwijnt hij in de cel.

 

Adrian gaat bij Bleys langs maar die is er niet, Fiona wel. Hij licht haar in over de waargenomen troepenbewegingen. Boadice is echter vergeten door te geven waar ze die troepen gezien heeft, maar dat is zo opgelost. Fiona troeft Boadice even, negeert haar pogingen om van het onderwerp af te wijken en verbreekt het contact weer zodra ze vernomen heeft dat Boadice zich toen ongeveer een uur van het paleis bevond. Dit is duidelijk een zware noodsituatie. De progressieve fracties moeten onmiddellijk gewaarschuwd worden. Of Adrian maar even wil helpen. Fiona neemt de Sawalls wel voor haar rekening.

Met een Guardian Spell van Fiona rent Adrian ongehinderd door de gangen. De enige die zijn weg kruist is Dorian. Zijn kaart is nog lang niet af. En nee, weggaan kan dan natuurlijk niet. Ook niet als Adrian belooft Dorian weer naar deze plek terug te brengen? Nou vooruit dan maar. Maar Dorian markeert de plek wel eerst met een X, en voegt er na enig nadenken een D aan toe. Er kunnen tenslotte wel meer mensen een X gebruiken. Oh ja, Adrian is hier natuurlijk ook, en dus moet er ook nog even een A bijgezet worden. Maar daarna kunnen ze.

Bij de Royal Guard blijkt Yuran Talister gelukkig aanwezig. Er worden onmiddellijk boodschappers uitgestuurd. Ook schijnen er al op diverse plaatsen binnen het paleis schermutselingen plaats te vinden.

De volgende die op het lijstje van Adrian staat is Ornach. Maar waar is de bibliotheek? De Royal Guard staat wel een mannetje af. Toch jammer van die witte ridder die op een gegeven moment de weg verspert.

Adrian wordt het echt allemaal wat te veel. Wat wil die vent?! De witte ridder geeft geen antwoord. Dorian ook niet. Hij vindt dit wel leuk, het zijn vast twee vriendjes die met elkaar willen spelen. Alleen de gids is nog een beetje nuttig. Volgens hem zou dit wel eens een soort ongeregistreerde vendetta kunnen zijn. Dat verklaart in ieder geval waarom de ridder Adrian bij het eerste gevecht heeft laten leven. Hem toen al doden zou oneervol zijn geweest, te gemakkelijk. En dus stopt Adrian zijn woede maar diep weg en concentreert hij zich op het gevecht. Een gevecht wat werkelijk van uitzonderlijk hoog niveau is.

Adrian is zo geconcentreerd op het gevecht dat hij in eerste instantie helemaal niet merkt dat er nog wat extra toeschouwers bijkomen, van die mannen met als teken de zeven sterren en de kroon. Ze hebben het bevel om Dorian en Adrian in hechtenis te nemen. Adrian is daarbij nog even een probleem maar Dorian kan wel alvast door twee lui afgevoerd worden.

Adrian vecht al die tijd geconcentreerd door maar wordt zich langzaam aan toch bewust van het aanwezige gezelschap. Een gezelschap wat inmiddels tot een besluit lijkt te zijn gekomen. De soldaten willen toch maar ingrijpen, de opdracht komt tenslotte van Jaill. Ze moeten hem echter wel levend hebben, en dat geeft Adrian mogelijkheden. Hij grijpt een gardist en smijt die naar de witte ridder. De verwarring die volgt geeft Adrian de mogelijkheid er als een speer vandoor te gaan, op de voet gevolgd door de anderen. Adrian gooit van alles om om afstand te creëren maar merkt op een gegeven moment dat de voetstappen achter hem minder worden. Dit is niet best, en inderdaad duiken er plotseling een stel wachters voor hem op. Adrian krijgt te horen dat hij zich over moet geven en hij heeft genoeg verstand van de situatie om te beseffen dat die hopeloos is. Adrian geeft zich dus inderdaad over.

 

Dorian is ondertussen afgevoerd. Gelukkig voor hem springt er een paar gangen verder plotseling een figuur te voorschijn. Het is Mask, en hij draagt een zwaard. De twee wachters die Dorian begeleiden gaan er meteen op af, Dorian kijkt slechts toe. Mask is een vrij goede vechter maar er is iets met hem. Soms is hij traag en lijkt hij wel in slow motion te bewegen, en dat breekt hem op. Hij weet beide wachters weliswaar te doorsteken maar ondergaat dat lot zelf ook. Dat laatste resulteert in een mooie, blauwe gloed: een Pattern Ghost, maar dan wel eentje met een  eigen wil.

De Ghost leeft nog en blijkt Caine te zijn, Dorian geeft hem bloed. Hij neemt vervolgens contact op met Taureth en komt door.

Mocht je je verbazen over Dorian’s geestestoestand, die is plotseling weer normaal. Want weet je, hij is nooit gek geweest. Gewoon een spelletje om het Patroon voor de gek te houden. Het Patroon zocht stro-poppen om te besturen en Dorian stond hoog op de lijst. Door de rest van de Amberieten ervan te overtuigen dat hij waardeloos was bleef hij ook buiten het bereik van het Patroon.

Taureth blijkt niet alleen te zijn. Samal houdt hem gezelschap en in een hoekje ligt Gran. Dorian ligt Samal en Taureth snel in. Voor Samal komt het niet als een verrassing, hij had al iets door. Taureth weet verder te melden dat de Amberieten ergens vast worden gezet. Adrian, Alexander, Murlas en Sereva zitten er zeker en het gerucht gaat dat ze Bleys ook te pakken hebben gekregen. Fiona en Delwin zijn nergens te bekennen, en datzelfde geldt voor Boadice, maar van haar is bekend dat ze bezig was met een opdracht van Ornach buiten het paleis. De Logrus is verder krachtiger geworden, iets wat Taureth’s warme belangstelling heeft. Hij weet namelijk niet waarom dat gebeurd is. Ornach is echter ook gevangen gezet en dat is voor Taureth toch ook belangrijk. Samal zit er minder mee, Ornach redt zich wel. De gevangen genomen Amberieten zitten hem echter niet zo lekker, terwijl de Logrus natuurlijk ook belangrijk is. Dorian doet ook zijn duit in het zakje bij deze koehandel en twijfelt tussen de Amberieten en de Logrus. Taureth besluit er de beveiliging even te checken. Als ze niet bevrijd kunnen worden is de keuze tenslotte makkelijk.

 

Adrian is de eerste gelukkige die in de Amberieten cel geworpen wordt. Alexander de tweede. Murlas is de derde. Hij hoort van Alexander dat zijn probleem al opgelost is, iets met troeven. Adrian is er echter bij en Alexander heeft dus geen behoefte er verder over uit te wijden. Alexander vermeldt ook de onsuccesvolle aanval van Pardai op Belissa.

Een poosje later wordt de deur weer open gedaan en krijgt het drietal gezelschap van een zwaar gewonde en bewusteloze Bleys. Sereva volgt even later, en dat terwijl ze eigenlijk nog in de ziekenboeg thuishoort. Adrian is dus prompt weer bezorgd over haar heen gebogen. Om afluisteren te voorkomen wordt er mentaal contact onderhouden, waarbij Murlas als centraal middelpunt fungeert. Leren ze het dan nooit?

 

De poging van Boadice om de koude uit te drijven stokt plotseling en de kou keert zelfs weer terug. Gelukkig blijft het wel wat minder erg dan dat het eerst was. Ze gaat op zoek naar Frewar. Dit moet grotendeels op de tast gebeuren. Ze vindt op een gegeven moment wat stof, maar er zit niets meer in. Dan steekt ze een toorts aan. Het geeft maar een heel klein beetje licht hier, genoeg echter om Frewar te vinden. Hij is ijs- en ijskoud, maar nog niet dood. Tja, dat wordt verwarmen. Boadice is niet preuts en probeert het met haar naakte lichaamswarmte. Dit helpt wel iets, maar niet genoeg. Dan maar wat geestelijk contact erbij. Boadice probeert de ijzige kou en duisternis in Frewar’s geest te vervangen door een beeld van warmte en geborgenheid. Het is zwaar werk, maar langzaam en door zelfs Arthur’s lichaamswarmte in te zetten weet ze Frewar toch weer het land van de levenden binnen te krijgen. Het leger is ondertussen ook al grotendeels verdwenen en de duisternisspreuk begint uitgewerkt te raken.

Frewar en Boadice bestijgen zo’n vliegbeest en gaan op weg. Het is hier verdacht rustig. Bij de Way aangekomen laten ze het beest achter en gaan ze naar binnen. Het is hier stil, erg stil. Zijn ze wel alleen? Ze zijn er nog steeds niet zeker van als ze in de troevenzaal komen. Tussen al dat witte glas en al dat zwart geblakerde karton ligt dus ergens misschien wel de zwartwitte troef. Dan een ingeving van buiten, Arthur! En inderdaad wijst het beestje rechtstreeks naar de plek waar de zwartwitte troef ligt. En hadden ze het daarbij maar gelaten. Maar nee, dat ‘whoesh, whoesh’ wat uit de andere opening klinkt werkt te zeer op Boadice haar zenuwen. Ze moet weten wat dat is en gaat dus kijken…

 

                                            Maurice