Na de gebeurtenissen met de draak (?) overnachten we op een open plek langs de weg. Er worden wachtposten uitgezet en beurten verdeeld. Elmo wil Bodur wel vertellen over voorgaande avonturen maar niet iedereen is het daar mee eens. Er laait een woordenstrijd op tussen de leden van de groep. Op dat moment horen we gekraak uit het struikgewas en de roep van een uil. Brian en Soghup gaan op onderzoek uit en Brian verjaagd uiteindelijk met zijn fakkel een groot katachtig beest.
Weer in het kamp merken we dat het weer verslechtert en er een onweer op komst is. Het kamp wordt verplaatst naar een hoger gelegen plek in de buurt. Het begint te gieten en het lukt ons niet meer om nog een vuur aan te krijgen. Het zicht is minimaal, zo hard regent het.
Bodur en Soghup nemen de tweede wacht over en lopen wat te kletsen met elkaar. Dit wekt een aantal leden van die groep die, kwaad dat hun nachtrust wordt verstoord, de wachtlopers vragen hun mond te houden. Bij de derde wachtronde weigert Hagar op te staan en Soghup neemt zijn plaats over en loopt met Scafflok. Deze gedraagt zich wat vreemd; hij buigt zich over de wat rijkere leden maar wordt dan tot orde geroepen door Soghup die hem daarna niet meer uit het oog verliest tot de ochtend gloort.
Scafflok vangt een haas en roostert het lijkje als ontbijt. Ook de anderen worden wakker. Bodur zoekt wat kruiden, Elmo oefent zich, Brian zoekt wat theekruiden en Soghup rust na een inspannende nacht. Na het ontbijt begeeft iedereen zich op pad.
Iedereen is nog wat moe, een nacht vol regen slaapt tenslotte niet zo lekker! Men loopt wat achter elkaar, op ongeveer 20 meter van de groep loopt Kobowab en verder daarachter loopt Elmo. Brian, die voorop loopt, poogt zijn conditie te verbeteren door wat te trimmen. Bodur, die was afgezakt tot aan Elmo, loopt naast deze en fluistert zacht. Zo loopt de hele meute door totdat er een pauze wordt gehouden.
Na de rustpauze lopen we verder totdat we plotseling worden overvallen door 7 wezens waaronder een Half‑Ork. Ons wordt gesommeerd wapens en bezittingen op de grond te gooien en misschien overleven we het dan. Grimmig wachten we af wat er komen gaat. Ze vallen aan, een bloedig gevecht vindt plaats, doden, gewonden, bloed vloeit en als de laatste drie aanvallers vluchten zijn vijf van ons er ernstig aan toe: Scafflok, Hagar, Bodur, Elmo en Brian. De overvallers hebben sommige van onze rugzakken meegenomen.
Sander, jonas en Soghup proberen zo goed als het gaat de anderen te verzorgen. CLW, zalf en goede zorgen doen een hoop!
Jonas en Sander zijn vast sporen gaan zoeken, en Soghup doet nog een ronde langs de gewonden. Als de spoorzoekers teruggekomen zijn, melden ze dat ze wat gevonden hebben. Vermoeid wordt er gewacht tot de gewonden bijgekomen zijn. Dan gaan Brian en Elmo de sporen verder nazoeken. Soghup is wat gaan wandelen in het bos.
Als Brian en Elmo weer terug komen, vertellen zij wat ze gezien hebben: een muur met een tempelachtige offerplaats, een soort platform met een offerblok? Het is ondertussen donker geworden en Soghup is nog steeds niet terug. Men overlegd wat te doen. Er wordt besloten verder te gaan, het is nu toch al te donker.
De volgende ochtend wordt eerst ontbeten. Dan wordt er naar Soghup gezocht die na een speurtocht en een waanzinnige achtervolging wordt gegrepen. Hij heeft een zeer onduidelijk spoor achtergelaten. Gewond wordt hij naar het kamp teruggedragen, waar nu een groot aantal vuren brand.
Tot zover, Maarten