Sessie 84, ??-03-1991, Afwezig: -

 

Het is de 17e dag van de droogte maand.

De groep waar ik leiding over geef staat in de gang ter hoogte van de splitsing. Links en rechts zien we vieze olieplassen (kaartnummer 30). Het zooitje staat er tamelijk zielig bij. Alles onder het verband, half kapotte kleren en vooral ieder op zijn eigen. Om uit de groep een eenheid te maken heb ik al lang op gegeven, om iedereen levend uit deze berg te halen begint ook al moeilijk te worden.

Langzaam gaat mijn blik over de leden van de groep.

 

*Corinthe de preutse elf staat met haar verbrande kleren in het midden van de gang. Ze houdt haar staf en een continual light vast. Wat mager elfenvlees is door de scheuren van haar leather te zien, wat die verkrachter in Briloc ooit in haar zag?

*Traz de sukkel loopt er nog redelijk bij. Zijn leather ziet er nog goed uit en zijn lange speer houdt hij nog stevig vast. Het wordt weer eens tijd om voorop te lopen.

*Orsen kijkt strak voor zich uit. Op zo'n man kun je tenminste bouwen. Hij heeft een goede leather aan. In zijn rechter hand houdt hij een lange speer, in zijn linkerhand zijn schild

*Shiasja staat zoals gebruikelijk dicht bij Orson. Haar lekkere lichaam is goed te zien want haar gewaden zijn her en der gescheurd. Toch eens met Orson over het een en ander praten, wie weet..

*Het gluiperige mannetje Irdor leunt op zijn staf, waar‑schijnlijk voor de show. Maar al te graag wil hij zijn vieze zwaard trekken om koppen te laten rollen. Wat hem dwingt om dat niet te doen is mij een raadsel. Het zou me toch spijten om zijn buik open te rijten als hij wat probeert. Irdor is namelijk nuttig. Hij draagt de tweede continual light van de groep.

*Mussurana is onze joker. Ons manusje-van-alles heeft de elfen winterkleren nog aan. In zijn rechterhand heeft hij een lange speer.

*Khemron de vis staat in de buurt van Nandorim. De stinkelfen staan wat te praten. Waarschijnlijk gaat het lot van een aantal leden van onze groep, waaronder ik, hen niet zo aan.

*Ikzelf sta er ook niet zo best op. Mijn leather is gescheurd en verbrand. Mijn groen-zwarte priester gewaad is bedoezeld en vuil. In mijn linkerhand houd ik mijn magisch schild. In mijn rechterhand houd ik mijn goededag vast.

*Xerxes zit op mijn schouder. Hij loert naar Irdor. Die twee mogen elkaar echt niet.

 

Goed, we staan dus in een gang. Mijn detect traps spreuk werkt nog steeds. Wat me echter opvalt is dat alles oplicht, zelfs ik. Dat hoort eigenlijk niet zo te zijn. Hier is dus alles een trap voor mij, zelfs ikzelf ben een trap voor mezelf. Benieuwd wat me te wachten staat.

Ik maak de groep duidelijk dat we moeten opschieten, mijn spreuk werkt nog maar een half uur.

 

Corinthe prikt met haar speer in de olieplassen en constateert dat ze knie diep zijn. Ze zeurt wat over vies worden en krijgt natuurlijk Traz zo gek dat hij haar draagt. Voorzichtig loopt Traz door de olieplas met Corinthe op haar rug. Echter halverwege vallen ze beide in de vieze vuile olie. Alles komt onder te zitten.

Vervolgens neemt Mussurana Irdor op zijn rug. Dat gaat ook bijna fout maar uiteindelijk komt Irdor veilig aan de overkant. Hij wordt neergezet en merkt dat zijn magische elfenlaarsjes olie afstoten. Hij heeft geen last van de gladde olie. Irdor leent de laarzen aan de rest van de groep. Mij blijken ze niet te passen, evenmin aan Orson zijn voeten. Ja ja, de elfenlaarzen zijn nog kieskeurig ook, hoe is het mogelijk. In plaats van laarzen met meerdere nuttige functies (fire ball, death kick) uit te rusten, geeft een elfenmagier de laarzen een eigenaar complex!

Uiteraard passen de laarzen Khemron wel. Hij loopt zonder problemen door de olieplas heen.

 

Mussurana zegt dat de klakgeluiden vanuit de zuidgang komen. Ik geef Xerxes de opdracht een verkenningsvlucht uit te voeren. Hij vliegt de zuidgang in tot de scherpe bocht en kijkt daar om het hoekje. Verderop ziet hij een nieuwe splitsing, vele voetsporen en in de verte bewegende gedaanten. Aan de hoeveelheid voetsporen schat Xerxes dat er vele vogelmensen zijn.  Xerxes verkent ook de gang waar we nu in staan. Deze loopt nog een flink eind door en eindigt in een oost-west splitsing.

 

Corinthe en Traz zien er nog steeds smerig uit. De olie plakt aan alles. Corinthe heeft een polish cantrip, dat helpt iets. Wat eigenlijk benodigd is, is een clean cantrip. Helaas hebben we die niet. De rugzakken van beide zitten ook onder de olie. Gelukkig is slechts een kleine heoveelheid olie in de rugzakken gesijpeld.

 

Khemron heeft de elfen laarsjes nog steeds aan en draagt iedereen de plas veilig over. Helaas hebben we de vogelmannen op een of andere manier gewaarschuwd want het onregelmatig geklak is overgegaan op een regelmatig, zich herhalend, geklak.

 

Met verhoogde spoed vertrekt de groep naar de tweede plas. Traz en Corinthe waden er als eerste door heen. Echter halverwege verdwijnen ze plotseling in de olie. Irdor tovert een gebied in het centrum van de plas vrij van olie. Het is een koker die als het ware de olie wegduwt. Traz en Corinthe kan ik echter nog steeds niet zien. Schijnbaar is er een soort luik mechanisme onder de plas. Na een kort overleg besluiten we het tweetal te volgen. Samen uit, samen thuis. Orson probeert via de koker naar beneden te springen. Dat mislukt jammerlijk en dat levert hem een vies pak op. Ik heb meer geluk en weet via de koker naar beneden te springen. Ik merk dat er inderdaad een klapluik onder de olieplas zit, want die vloer geeft onmiddelijk mee. Onder deze gang zit een andere gang. Helaas kom ik bij mijn landing erg ongelukkig neer en bezeer me behoorlijk.

 

 

Uiteindelijk zijn we allemaal beneden, Corinthe en Traz hebben op ons gewacht. Irdor en Shiasja zien er nog behoorlijk uit, de rest is smerig. We blijken in een gang te zijn gevallen die noord-zuid loopt. Onze tweede en laatste detect trap spreuk wordt door Xerxes gecast. De spreuk informeert Xerxes dat er in deze gang twee traps zijn. De eerste bevindt zich recht boven ons, een luik in het plafond licht op. De tweede bevindt zich in het plafond in het zuiden. Het is ook een luik, waarschijnlijk het luik onder de vreemde zwevende schedels.

 

Na en loopvolgorde opgesteld te hebben volgen we de gang richting noorden. We komen in een grot uit (grotnummer 32). In het noorden van de grot sluit een steenmassa de uitgang af. Er is een doorgang naar een tweede grot. In deze grot zie ik 12 stenen beelden staan. De beelden kan ik niet zo goed herkennen, maar een aantal van deze beelden zijn vogelmannen. Ze hebben een redelijk normaal postuur, met hun armen is iets vreemd. De positie van hun lichaam is alsof ze rustig aan het wandelen waren. De afstand is te groot om ze beter te bestuderen. Ik ben niet van plan de afstand te verkleinen want waarschijnlijk leeft er een soort gorgon in de grot. Zijn verstenende blik is erg gevaarlijk.

Onze theorie is dat de vogelmannen dit stuk grottencomplex hebben afgesloten, een soort beveiliging tegen de gorgon. Waarschijnlijk heeft het beest de vogelmannen ook verrast. Later zijn ze dit grottencomplex als onderdeel van een grote valstrik gaan gebruiken. 

Mussurana vindt een opening in de steenmassa die de noordelijke uitgang afsluit. Snel kruipen we er door.

 

Achter de steenmassa ligt een volgende grot. We lopen er doorheen en volgen de gang die vanuit de grot loopt. Na enkele meters komt er een zwarte blob over de grond naar ons toe gekropen. Ik geef het commando voor rechtsomkeer. Terwijl we terug rennen worden onze feiten van zwarte blobs opgesomd:

De zwarte blob is familie van de green slime. Het is echter gevaarlijker dan green slime. De zwarte blob jaagt op slachtoffers met als doel zo'n slachtoffer ook tot zwarte blob te maken.

We rennen terug naar de grot en draaien ons om, de blob komt vrij snel achter ons aan. Het stroomt de grot binnen en verbreedt zich over de hele grot breedte (9 meter). Dan begint het gevecht.

Pollux vertraagt de blob, Ik doe een bless op de groep, Irdor roept hitte op in de blob en Corinthe bereidt haar bliksem spreuk voor.

Het effect van de spreuk van pollux is zichtbaar, de blob gaat langzamer bewegen. Dan gaat de bliksemspreuk van Corinthe af.

De bliksem snijdt de blob doormidden (verder geen schade). Dat maakt het probleem alleen nog maar groter want nu zijn er twee blobs. De spreuken van Irdor en pollux hebben effect op de linker blob. Deze is nagenoeg tot slistand gekomen en begint te dampen. De rechter blob heeft echter geen last van deze spreuken meer en komt met verhoogde spoed op de groep af. Allereerst volgen nog enkele afstandswapens van ons. Orson schiet zijn Ijsbolt af, Khemron schiet een harpoen af. De resultaten vallen tegen. De ijsbolt van Orson heeft geen effect, de zwarte blob kan goed tegen koude. De zilveren harpoen van Khemron doet ook geen schade en lost zelfs zeer snel op.

Dan is de zwarte blob bij ons. Ik denk er aan om mijn magische mace te pakken in plaats van mijn goededag, maar ik heb zo mijn twijfels nadat ik de speer van Khemron heb zien oplossen. Traz, Nandorim en Mussurana slaan wel met hun magische wapens. Mijn twijfel was terecht want hun wapens worden inderdaad beschadigd. De aanval van de zwarte blob bestaat uit een 'vuist'. Deze vuist raakt mij vol en ik val bewusteloos op de grond.

 

Als ik later weer bij kom hoor ik de afloop van het gevecht.

Het werd de groep al snel duidelijk dat de zwarte blob niet tegen hitte kan. De zwarte blob die de hittespreuk op zich had was langzaam aan het vergaan. De oplossing was vervolgens eenvoudig. De windvlaag spreuk van Shiasja blies de snelle zwarte blob weg uit de grot. Toen deze terug kwam zijn er warmte staven in gegooid. Daarop is de blob gevlucht.

Mij toestand bleek zeer ernstig te zijn. Daarop is besloten om mij een potion van de draak te geven. Het was de potion die Corinthe bij zich droeg. Even later ben ik weer bij gekomen.

 

Aangezien de grot een slechte plek is om te overnachten wordt besloten om verder te gaan. Net als mussarana opmerkt dat er hier ook wel eens green slime kan zijn, krijgt hij er een in zijn nek. Ook Traz, die mee voorop loopt, krijgt een green slime op zijn hoofd. Corinthe kent erg veel van de green slime. Ze roept ons toe dat het slime niet tegen hitte, kou of cure disease kan. Terwijl wij de green slimes bevechten en daarbij ook Traz en Mussurana beschadigen heeft Nandorim een goed idee.  Hij stapt op Mussurana af en pakt met blote handen de green slime van hem af. Daarna gooit hij de slime tegen de grond. De slime is hard geworden bovendien is het bruiner geworden. De verklaring van Nandorim: "Och, de slime kan niet tegen cure disease en dat kan ik". Vervolgens wordt ook afgerekend met de slime boven op Traz.

We vervolgen onze route en de volgende valstrik gaat spoedig daarna af. Halverwege een olieplas wordt een draad die in de olieplas is gespannen aangeraakt. Achter ons horen we het geluid van een olieplas die in de fik vliegt. Binnen enkele seconden is een enorme vuurmuur te zien. Gelukkig voor ons loopt Shiasja achteraan. Haar windvlaag spreuk dooft het vuur snel en effec‑tief. Door de enorme drukgolven in de gang val ik flauw, evenals Irdor.

Na een half uur kom ik weer bij. De groep blijkt een stukje verder te zijn gelopen. We staan in een doodlopend gangetje (kaartnummer 34). Aan het einde van het gangetje is een spleet in de wand. Ik kijk er door heen en zie een grote grot die onder water staat. Bovenin de grot is een soort lichtgevend groen mos. Ik hoor waterval geluiden, maar zie er geen. De grot is 50 meter hoog, de spleet zit ongeveer op 25 meter. Vermoeid kijk ik om. De groep is weer verder afgemat. Nog even en er gaan doden vallen. Moge Morgul en Krogg ons helpen.

 

Krodahl