Sessie 88, 26-05-1991, Afwezig: -

 

 

Einde van een ijskoningin


de 22e dag in de maand van de droogte

Xerxes ziet het deel van de gang voor ons goed verlicht, hoewel

dat eigenlijk niet zou moeten kunnen. Hij heeft namelijk zijn

'detect traps' geactiveerd. We concluderen dat de gang één grote

valstrik is. Het valluik licht hier niet speciaal op. We hebben

het dan ook met gewoon zoeken gevonden.
We overleggen wat we met de situatie aan moeten. Zullen we hier

proberen doorheen te komen of is er een andere weg mogelijk?

Waarvoor dienen de richels tegen de muren? Misschien is het wel

een geleiding voor een bol die aan komt rollen. Nader onderzoek

leert dat de richels van een soort diamant zijn gemaakt. De

richels lopen een beetje schuin en op enkele plekken zijn er

stukjes afgebrokkeld. De vloer is iets beschadigd, de muur met de

nis echter niet. Als we de golem verder onderzoeken zien we

waarom. De handen van het monster zijn verweerd. Als ze iets

zouden zijn gedraaid dan zouden ze precies goed staan om een

aanstormende bol te kunnen stoppen. Ciasja denkt dat hetgeen aan

is komen rollen erg snel moet zijn geweest, maar daarna weer

langzaam is teruggekomen, wellicht teruggeduwd door de golem. De

golem is duidelijk een erg sterk en "duur" monster. Het is waarschijnlijk slim genoeg om complexe instructies te kunnen

begrijpen.

We hebben nu drie opties. We kunnen proberen de triggering van de

valstrik te vermijden, zodat we zonder problemen aan het eind van

de gang komen. Ook kunnen we proberen om de richel te vernietigen, zodat de bal niet ver kan rollen. Khemron ziet deze beide

opties niet zitten en stelt voor om de deur te forceren en een

eindje verderop naar geheime gangen te zoeken. Khemron biedt

verder edelmoedig aan om voorop te lopen. Niet dat het hier veel

uitmaakt trouwens, met gevaren die van alle kanten loeren. Maar

toch goed bedoeld.
Orson wil dat Traz op de hoorn blaast, zodat we hier weg kunnen.

Traz weet echter dat de hoorn nu niet kan teleporteren.
Om ons bij de moeilijke beslissing te helpen doet Corinthe haar

ritueel van herinnering. Ze ziet de magiėr door de deur komen en

de staf in de handen van de golem leggen. Dan verdwijnt het beeld

weer.

De deur is erg sterk magisch, naar schatting level 12. Corinthe

schat de kans op het slagen van een Dispell Magic spreuk tussen

de 30% en 40%. De kans op een verschrikkelijk falen is trouwens

even groot. Ondanks het grote risico waagt Corinthe de gok. Haar

spreuk lijkt echter in eerste instantie geen effect te hebben.

Dan slaat Corinthe drie keer met haar staf op de deur. De eerste

keer verschijnt er een barst, dan een gat en tenslotte knalt de

deur uit elkaar. Corinthe voelt zich erg moe maar is verder in

orde.
De gang achter de verpulverde deur is verlicht, zoals we al

eerder hadden gezien. Uiteraard kijken we uit voor het gat wat

zich net achter de deur bevind. We zoeken dan naar verborgen en

geheime deuren maar vinden helaas niets. In de lift en in de

tussengang gebruikt Irdor zijn magische staf, totdat de ladingen

ervan verbruikt zijn. In de tussengang blijft het magische

poeder vreemd genoeg in de ruimte dwarrelen. Na een korte tijd

zoeken vinden we hier een geheime deur. Hierachter zien we een

lange gang.

De gesloten magische deur lijkt van deze kant wel een muur.
We lopen naar het einde van de gang en kijken daarna om ons heen

of de gang wel veilig is. Daarna lopen we voorzichtig opnieuw

door de stofvrije, kraakheldere gang. Een deur op het einde van

de gang leidt naar een verlichte gang met deuren aan de linker-

en rechterkant. De linker deur zal waarschijnlijk uitkomen op de

gang met de richels. Mussurana luistert aan beide deuren maar

hoort niets. Beide deuren zijn stevig, met gewone hendels en

sleutelgaten. Achter de linkerdeur is het donker; Xerxes ziet

steen aan de andere kant. Dat zal de valstrik wel zijn. Achter de

rechterdeur is evenveel licht als hier. Verder zien we niets,

maar het gevoel van spanning wordt wel veel sterker, alsof er

iets engs op ons loert (dat is natuurlijk ook zo!). Dit gevoel

wordt sterker als we de rechterdeur naderen. We hebben vreemd

genoeg allemaal het idee dat we de verkeerde kant op gaan. Hoewel

we zoeken kunnen we hier geen geheime deur vinden.
We overleggen en pakken onze wapens. In de onderstaande volgorde

lopen we verder.
* Khemron  Mussurana
* Brian  Nandorim
* Orson  Traz
* Corinthe
* Ciasja  Irdor

Mussurana opent de deur en we kijken in een verlichte ruimte van

drie meter diep. Op een zwarthouten stoel zit iemand. Het heeft

skelethandjes en voetjes en draagt een zwarte mantel. Vreemd

genoeg zit het gezicht verborgen in een schaduw. Mussurana stelt

voor om aan te vallen en Khemron slaat langzaam blauw uit. Zo

verandert Khemron enkele keren van kleur, waarbij hij blauwer

wordt naarmate er meer wordt gesproken over gevaar en vechten.

Ciasja ziet een verborgen deur achter de stoel. We besluiten

langs de stoel af te lopen, Mussurana voorop. Khemron probeert zo

vredig mogelijk te passeren. Corinthe voelt een sterke trilling,

als van teleportatiemagie. Brian voelt alleen een sterke evil.
Mussurana opent de deur, die uitkomt op een grote zaal. De zaal

wordt van bovenaf verlicht. Terwijl de blauwe gloed rond Khemron

wat afneemt stijgt het gevoel van spanning ten top. Als we

voorzichtig de ruimte binnen sluipen slaat de deur plotseling

achter ons dicht. Achterin de ruimte zien we een gordijn met

daarvoor een elfse dame, geflankeerd door de magiėr en de dief.

De dame lijkt van gemiddelde leeftijd, met een staf en ringen. Ze

ziet eruit als de vampier die we al eerder hebben ontmoet. We voelen allemaal een overheersende kracht. Khemron slaat blauw

uit. Plotseling begint er iets te dansen voor onze ogen. Het is

een teken, een vreemd soort kruis met haakjes. Alleen Brian en

Nandorim lijken hier geen last van te ondervinden. Nandorim heft

zijn zwaard en stormt op de engerds af, terwijl Brian een spreuk

probeert te doen. Omdat de spreuk geen effect heeft pakt hij toch

maar zijn mace.
Traz wordt plotseling door een vreemde macht bevangen en rent

achter Nandorim aan, met de bedoeling hem te doden. Mussurana

trekt zijn zwaard, evenals Khemron en Irdor. Irdor brengt Brian

hiermee een zware wond toe. Ciasja weet Nandorim te raken met

haar bola, waardoor Nandorim op de grond valt. Pollux doet een

glibberspreuk op Brian die daardoor prompt uitglijdt. Ondertussen

is Corinthe al begonnen aan haar Lightning Bolt-spreuk...

Brian staat nu weer op en begint ook achter Nandorim aan te

rennen. We vinden nu allemaal dat Nandorim dood moet, al is die

nu in een wolf veranderd. De 'wolf' vecht ondertussen met 'Haar',

zonder dat een van beiden echt resultaten lijkt te boeken. Dan

komt de 'Lightning Bolt' van Corinthe over ons heen....

Brian ligt nu dood op de grond en ook de anderen zijn er slecht

aan toe. Irdor bijvoorbeeld zou allang dood kunnen zijn. 'Zij'

krijgt ook veel schade, evenals Nandorim. Met hernieuwd fanatisme

vallen wij Nandorim aan, terwijl 'Zij' een spreuk op hem doet die

terug¬kaatst en haarzelf verzwakt. Nandorim weet haar te bijten,

hoewel hij duidelijk zwaarge¬wond is. Dan lanceert 'Zij' enige

'Magic Missiles' richting Nandorim, die zowel hem als haarzelf

raken. Beiden storten neer, terwijl Irdor ondertussen op Traz

inhakt, die daardoor ook ten aarde stort. Dan stopt het gevecht.

Na het gevecht worden de doden en gewonden behandeld. Nandorim

(nu weer in mensvorm) en Brian lijken dood terwijl Traz en Xerxes

stervende zijn. Verder ligt Irdor bewusteloos op de grond. Orson

weet Brian te redden met zijn middeltjes, maar kan de dood van

Nandorim niet voorko¬men. De dief en de magiėr beginnen nu ook

weer te bewegen, terwijl 'Zij' er prima uit ziet. Als Khemron

zijn speer in haar steekt verkruimelt zij, terwijl hij blauw

oplicht. Omdat hij echter blauw blijft schijnen moeten we nog

iets doen. Achter het gordijn vinden we een groot zwart stenen

blok, schijnbaar een altaar. Corinthe duwt er tegen aan en krijgt

daardoor zo'n schok dat ze bezwijmt. Het is dus een altaar.
Brian probeert in een ceremonie zowel Nandorim als 'Haar' te

begraven en zegenen. Voor Nandorim lukt dat omdat Brian hem de

keuze geeft waar hij naartoe kan gaan. Voor 'Haar' lijkt dat niet

te lukken, iets dat door Khemron wordt bevestigd.

De twee vreemden worden verder onderzocht. Ze blijken sterk

verwaarloosd te zijn. De magiėr rochelt iets en wijst achter het

gordijn. Een gang daarachter komt uit op een cirkelvormige

ruimte, met in het midden een vaas. De vaas draagt het teken dat

we eerder al zagen, het teken van het kwade. De ruimte lijkt te

pulseren en we voelen dat er snel iets moet gebeuren. Khemron

steekt dan zijn speer in de vaas. De vaas barst open en verspreidt een kwalijke walm. Een vies vlezig iets is te zien tussen de

resten van de vaas. Enkele stukken hiervan raken Khemron en

branden door tot op zijn bot. Snel worden deze plekken gezegend,

waardoor het effect beperkt blijft. Dan verlaten we deze akelige

kamer.

Teruggekomen in de grote zaal valt ons op dat het lichaam van

Nandorim is verdwenen. Het lijkt wel in het niets te zijn

opgelost. We verzorgen dan maar de overige gewonden en rusten wat

uit.

Na verder onderzoek blijkt er zich achter het andere gordijn nog

een geheime deur te bevinden. Mussurana opent de deur. Erachter

is een kort stuk gang en aansluitend een ruimte met stoelen en

kasten. De ruimte is verlicht en er ligt zelfs tapijt. Op een

tafel staat een houten constructie die door touwen bij elkaar

wordt gehouden. Het nut van dit knutselwerk is niet duidelijk.

De rest van de dag rusten we uit. Aan voedsel is geen gebrek maar

water komen we wel tekort.

de 23e dag in de maand van de droogte

De volgende ochtend ontstaat er plotseling een lichtvlek van 3

meter doorsnee. Er komt een rookwolk uit en met veel show komt

Finhmer eruit gestapt. We begroeten elkaar; Corinthe vliegt hem

om de hals. Finhmer verklaart dat hij al eerder naar ons toe

probeerde te komen maar dat het hem niet lukte omdat er een

barričre tussen ons stond. Nu is deze blokkade weg en komt hij

ons ophalen. We lopen allemaal door de cirkel en daarna lijkt het

alsof we door een hele lange tunnel lopen. Uiteindelijk doet

Finhmer een deur open die uitkomt op de werkkamer van Durilac. We

zijn weer terug bij de ijselfen.

In onze afwezigheid is er veel gevochten in het ijspaleis.

Slechts 14 ijselfen hebben de bloedige gevechten overleeft, 4

mannen en 10 vrouwen. Ook Durilac is dood, al begrijpen we wel

dat hij veel goed werk heeft verricht. Beredice leeft nog wel

maar is in de gevechten een hand kwijtgeraakt. Alle verdere

elfenhelden zijn dood, met uitzondering van de prins. De prins

wil nu koning worden en toont nu de wil om de resten van zijn

volk daadkrachtig te leiden. De bibliotheek is vernietigd.

Slechts enkele werken zijn overgebleven.

Tharatodus de meestermagiėr en Dahnakriss de meesterdief blijken

beiden uit dezelfde stad te komen. Beide mannen waren op zoek

naar waardevolle voorwerpen, al lijken deze voorwerpen nu niet

meer de moeite waard. Een vampier heeft hen opgezocht en misleid.

Op deze manier werden ze door "Haar" gelokt en gebruikt. Ze

hadden als opdracht om "Haar" basis zo te versterken dat alleen

sterke avonturiers het centrum zouden kunnen bereiken. De

slachtoffers moesten dan zo zijn verzwakt dat "Zij" ze zonder

problemen zou kunnen overnemen. Ook de monsters zijn op deze manier gelokt en gebruikt, voor en tijdens het verblijf van de

meesterdief en de meestermagiėr.

Als wij vragen stellen over andere rassen blijkt dat ogers en

goblins de meesterdief niet bekend zijn. Wel kent hij elfen,

dwergen en boggers. Elfen zijn naar zijn mening langzaam en

vreemd; wellicht heeft dat iets te maken met de vloek van een god

of zo. Soms ontvoeren ze mensen. Boggers kennen wij onder een

andere naam, nl. hobgoblins. Ze komen uit het westen en hebben

met iedereen ruzie.

Vreemd genoeg weet de meestermagiėr niet wat ondoden eigenlijk

zijn, al zijn ze wel gezien in zijn stad. We vertellen hem dat

het zegenen van de doden door priesters het ontstaan van ondoden

verhinderd. Hij zal dit in zijn stad bekend stellen.
De meestermagiėr vertelt dat de kunstmatige ogen op de deur van

zijn kamer kunnen worden gebruikt om bezoekers in de gaten te

houden. Ook kan hij daar doorheen spreuken richten. De

meesterdief bevestigt onze vermoedens betreffende de val met de

golem. Een enorme deegrol zou komen aanrollen op het moment dat

iemand het midden van de gang zou bereiken. De golem zou de

deegrol opvangen en terugduwen, zodat de deur aan het einde van

de gang zou worden afgesloten. In de gang zelf waren verder nog

diverse vallen op scherp gezet. Al met al een val die vrijwel

niemand van ons zou hebben overleefd. Gelukkig hebben we een

betere weg gevonden.

Een week lang blijven we in het elfenpaleis zodat we tijd hebben

om te rusten en onze wonden te laten genezen. Pollux krijgt zoals

beloofd zoveel magische energie als hij kan hanteren.
Tijdens een diner zien we een ons voorheen onbekende

elfenmagiėr/priester. Hij heet Hanyorin maar wil verder niets

zeggen. Wel wordt ons duidelijk dat de elfen nu ook ondoden

kunnen 'turnen', zoals onze priesters dat kunnen.
Als wij over onze belevenissen aan de elfen vertellen herkennen

zij uit onze beschrijvingen het gebied van de drie valleien, waar

de elfen vroeger hebben gewoond. 

Traz voelt dat Nandorim niet echt dood is, maar dat een deel van

zijn kracht weer in de hoorn zit, net zoals eerst. Traz zegt dat

"De sterfelijke moest sterven om zijn onsterfelijkheid te

herwinnen". Ook weet hij dat we niet veel tijd meer hebben. We

moeten morgen afscheid nemen van de elfen. Daarom moeten er nog

snel een paar dingen worden geregeld. De elfen melden dat al onze

wedervarendheden zullen worden opgetekend in ene groot boek, een

boek dat verhaald van de geschiedenis van de Yshirne. Corinthe

vraagt nu alvast of we onze bezittingen terug mogen krijgen.

Brian gaat een stapje verder en vraagt of we geen geschenk kunnen

krijgen als beloning voor onze goede diensten. Irdor sluit zich

daarbij aan. De elfen kijken ons met afgrijzen aan. Ze vinden het

verzoek erg onfatsoenlijk en mijden ons nu als de pest.

de 24e dag in de maand van de droogte

In de vroege morgen staan we bepakt en beladen gereed voor ons

vertrek. Al onze bezittingen worden teruggegeven terwijl wij van

onze kant ook alle door ons geleende voorwerpen inleveren. Pollux

is verdwenen. Hij heeft er voor gekozen om niet langer met ons

mee te gaan omdat hij het elders erg druk heeft. Jammer.
Traz roept het gezelschap bij elkaar en Beredice vraagt ons haar

te volgen. Na een half uur lopen worden we door haar tot in een

vreemde groenige grot geleid. Alle overgebleven elfen staan daar

plechtig bijeen. Ook lopen hier enkele witte apen rond. De

elfenpriester van Kestirand (zij die lopen) neemt het woord:
"Thans zijn we hier om afscheid te nemen van onze helpers. Ik wil

namens het hele volk van de Yshirne zeggen dat we jullie heel

dankbaar zijn. Als jullie nog leden van ons volk tegenkomen dan

zullen ze jullie naam kennen.". De priester merkt op dat hij zich

heeft afgevraagd wat zijn volk voor ons zou kunnen betekenen. Er

is besloten om "onze" elfenbol als geschenk te geven. Er

verschijnt een aap met een rood/oranje bol met daarop zwarte

vlekken. Deze bol, de bol van Kestirand, geeft een gevoel van

loslippigheid. Een andere aap biedt ons de bol van Falgan aan.

Corinthe aanvaardt in naam van de groep dit kostbare geschenk.

Dan geeft de priester ons een teken dat symboliseert dat wij

vanaf nu ook een soort Yshirne zijn. Ieder krijgt een sieraad

bestaande uit drie in elkaar gevlochten cirkels, een symbool voor

de drie valleien waar de elfen hebben geleefd. Dit geschenk is

een grote eer. Verder heeft de prins voor ieder nog een

persoonlijk geschenk:


- Brian en Irdor krijgen ieder zijn dankbaarheid. Omdat ze om

een beloning hebben gevraagd hebben ze de prins beledigd.

Hij kan ze nu geen geschenk meer geven.
- Finhmir krijgt een zwart houten stokje.
- Traz krijgt een magische bijl en een schede voor een zwaard.
- Khemron krijgt een magische harpoen.
- Corinthe krijgt drie staafjes met een wat paarsige kleur. Ze

weet zelf wel wat het voor stokjes zijn. Wij niet.
- Mussurana krijgt drie groenige staafjes, waarvan hij wel schijnt te weten wat het is.
- Ciasja krijgt als cadeau een lange dolk.
- Orson krijgt drie rode staafjes. Hij weet waar ze voor

dienen.

We overleggen wat we moeten doen met de bol van Falgan. Hiervoor

raadplegen we de witte wolf maar die zegt dat we het zelf maar

moeten beslissen. Corinthe geeft daarom de bol terug aan de

elfen. We denken dat de elfen de bol harder nodig hebben dan wij.

We nemen afscheid van de elfen en onverwachts ook van Ciasja. Ze

zegt dat ze weer naar huis moet. Orson is hiervan behoorlijk

overstuur, al wil hij dat ons niet zo laten merken. Uiteraard

vloeien er de nodige tranen bij het afscheid. Dan blaast Traz op

de hoorn. Om ons heen wordt alles zwart..

                                                                  Rob.